Media en Politiek (2): De afwezige tegenmacht

0

In het tweede deel van onze reeks Media en Politiek gaat het over de zorgelijke opkomst van de ‘neutrale waarnemer’, de afwezigheid van een tegenmacht voor media die hun macht misbruiken, en over hoe eenvoudig het is om, ook als politicus, bewust verkeerde informatie naar een groot publiek te verspreiden. ‘Elke rechtgeaarde democraat zou zich grote zorgen moeten maken.’

(Foto Daniel Novta)

(Foto Daniel Novta)

Gisteren kon u lezen hoe media niet aarzelen toppolitici te straffen wanneer ze primeurs elders geven of hun been dwars zetten. Dat gaat soms zo ver dat ook de berichtgeving er bewust sterk door wordt  gekleurd. Ook de opiniepagina’s vormen een dankbaar slagveld voor dat soort spelletjes.

Een belangrijke rol op die opiniepagina’s, maar ook ver daarbuiten is weggelegd voor de ‘neutrale waarnemer’: de politicologen en de deskundigen die, gehuld in een symbolische witte jas en omgeven door een aura van objectiviteit, worden opgevoerd. Niet zozeer wat ze zeggen, wordt als problematisch gedefinieerd, maar wel de rol die ze vervullen.

“De opkomst van de ‘neutrale waarnemer’ vind ik zeer problematisch. Heel vaak is de waarheid namelijk grijs, maar grijs helpt geen kranten te verkopen”, zegt een mediaspecialist. “Het gevolg is dat de ‘neutrale waarnemer’ die een echt neutraal en dus vaak saaier standpunt inneemt geen tweede keer moet terugkomen. Het zijn diegenen die stelling innemen en kranten doen verkopen die keer op keer terug worden opgevoerd.”

De naam van Carl Devos valt dan al gauw, bij meerdere partijvoorzitters. “Eigenlijk is het toppunt van gespin Carl Devos. Een bijzonder sympathieke en intelligente man, maar hij ziet echt veel meer dan er werkelijk is. Misschien is hij nog meer dan politieke journalisten een medespeler. Je zou kunnen zeggen dat het feit dat hij zogezegd neutraal is, hem een oneerlijke voorsprong geeft.”

Elders wordt de analyse gemaakt dat de neutrale waarnemers die geen nuance brengen maar wel de boel opnaaien, een heel vertekend beeld van de realiteit schetsen. “Als je kijkt naar de experten die frequent aan het woord komen, zie je dat die allemaal in hetzelfde sociologische stramien passen”, zegt een voorzitter. “Ze zijn alles behalve een afspiegeling van de maatschappij maar ze zetten wel de toon. Net zoals het debat over diversiteit in de media vrij eenzijdig door beter bemiddelde blanke mannen van middelbare leeftijd wordt gevoerd, zo wordt ook het debat over politiek en maatschappij vrij eenzijdig door beter bemiddelde blanke mannen van middelbare leeftijd gevoerd. Dat vertekent het beeld. En neen, de kritiek dat het vroeger nog erger was, is daarbij geen argument.”

Nietszeggende Peilingen

En dan zijn er natuurlijk de peilingen. Geen enkele zichzelf respecterende wetenschapper wil ervan weten, maar toch geven ze sinds jaar en dag het ritme aan waarop de politieke wereld danst.

Peilingen zijn een goedkope manier om aan nieuws te raken. Ook al zegt de uitslag ervan niets: toch moeten er drie bladzijden over vol geschreven worden

“Het zijn maar peilingen. Dat vaak gehoorde zinnetje klopt. Kijk je terug naar de peilingen per provincie in de aanloop naar 25 mei, dan geven die verschillen tot 5 à 6 procent met de realiteit. Je gelooft die uitslagen niet, maar de psychologische impact op een partij is bijzonder groot.”

Maar waarom verschijnen ze dan? “Peilingen zijn een goedkope manier om aan nieuws te raken. Ook al zegt de uitslag ervan niets – wat de voorbije drie jaar het geval was – toch moeten er al snel drie bladzijden over vol geschreven worden. Ze zijn verkeerd, dat weet iedereen, maar ze hebben een grote impact. Hoe die impact eruit ziet en hoe groot hij is, dat is zo mogelijk nog meer alchemie dan de peilingen zelf. Maar dat peilingen mee sturen, en niet op een manier waarop je dat in een democratie mag verwachten, is zonneklaar.”

Journalisten maken die afweging ook, klinkt het. Dat de peilingen een ondemocratisch proces op gang brengen. Maar ook breder: dat de manier waarop soms aan politieke berichtgeving wordt gedaan een soortgelijk effect heeft. “Veel journalisten die ik spreek, zijn het daar mee eens”, zegt een partijvoorzitter. “Toch tot op zeker hoogte. Ze zijn er ook niet gelukkig mee, maar we zitten nu eenmaal samen in de draaimolen en het is heel moeilijk om daar van af te komen. Ik blijf het belangrijk vinden om te benadrukken dat de dagelijkse relaties met de pers in de Wetstraat goed zijn. Er is ook een verschil tussen veel van de ervaren journalisten en jonge mensen die niet meer de kans krijgen om in de diepte te werken. Vaak zie je bij hen te weinig kennis van zaken. Als die bovendien ook nog eens slechte intenties hebben, wordt het soms echt zorgelijk.”

Een andere partijvoorzitter vult aan. “Ik hoor ook van journalisten dat het hen soms te veel wordt. En eerlijk gezegd, als ik sommige dingen lees, dan denk ik ‘daarvoor kan je nu toch geen journalist geworden zijn’. Je wordt toch journalist vanuit interesse, nieuwsgierigheid, misschien wat koppigheid en de drang om de waarheid te zoeken? Toch niet om spelletjes te spelen?”

Tussen de vaststelling dat ook in journalistieke kringen lang niet iedereen blij is met de gang van zaken en openlijk kritiek geven op het journalistieke werk, gaapt echter een stevige kloof. Zelfkritiek en journalistiek blijken niet goed samen te gaan.

“Je kan begrip opbrengen voor het feit dat journalisten ook maar mee moeten hobbelen in dat circus en er staat vanuit het bladmanagement ongetwijfeld heel veel druk op hen. Maar geef je kritiek en wijs je hen op hun persoonlijke verantwoordelijkheid, dan is de verdedigingsreflex echt boven normaal groot.”

De arrogantie om nauwelijks in het parlement te komen en toch een rapport te schrijven en punten uit te delen, is ongelooflijk

Slechte cijfers

Een van de zaken waar vanuit de politieke wereld al eens voorzichtig kritiek op wordt geuit, zijn de zogenaamde rapporten van de parlementsleden. Daarbij worden parlementairen door de politieke redacties gewikt en gewogen, en met een score bedacht.

“Wie zegt dat zo’n rapport hem niets kan schelen, geloof ik niet”, zegt een mediaspecialist. “Het doet iets, ook al is de score vaak op weinig gebaseerd. Journalisten delen sterren of punten uit aan mensen die ze nooit aan het werk hebben gezien, want in het parlement komen ze nauwelijks nog. In het beste geval hebben ze gepraat met de fractieleider en tellen ze de mondelinge en schriftelijke vragen. Dat is extreem gratuit. Het is een voorbeeld van de ondraaglijke lichtzinnigheid waarmee media soms werken: rechter zijn zonder de beschuldigde te horen of te zien. Dat is een aanklacht die wel eens geuit mag worden. Ik misken niet dat journalisten die zo’n rapport maken daar een week hard aan werken, maar daarin de balans van een hele legislatuur maken, van parlementairen die jarenlang hard werken, is niet gepermitteerd.”

Die mening wordt ook gedeeld door partijvoorzitters. “De arrogantie om nauwelijks in het parlement te komen, behalve dan op hoogdagen en toch een rapport te schrijven en punten uit te delen, is eigenlijk ongelooflijk. Het is een van de vele blijken van het feit dat media vandaag veel te veel macht hebben, zonder dat er een tegenmacht tegenover staat. Dat soort macht zonder controle zou in een democratie niet mogen bestaan. Media kunnen zich wel wegstoppen achter het feit dat ze een commercieel product zijn en dat verkopen uiteindelijk het enige doel is, maar wanneer je over politiek en macht schrijft en je probeert heel bewust maatschappelijke invloed uit te oefenen, dan heb je een tegenmacht nodig. Die ontbreekt volledig. Elke rechtgeaarde democraat zou zich daarover grote zorgen moeten maken. Voor een democratie is dat geen houdbare situatie.”

Machtsmisbruik

Daar komt bij dat opinies en berichten vandaag razendsnel worden overgenomen. Vooral als ze de nodige conflictstof in zich dragen. “Als iets wat niet klopt viraal gaat, dan is er geen kruid meer tegen gewassen”, zegt een andere partijvoorzitter. “Dan ben je een hele dag bezig om foute berichtgeving te corrigeren zonder enig resultaat: het beeld zoals het werd gezet krijg je nooit meer weg. In papieren kranten heb je dat gelukkig veel minder, maar op nieuwssites wordt alles gekwakt zonder het eerst te checken. Daar word je niet alleen moedeloos van: het is ook vanuit democratisch oogpunt een gevaarlijke evolutie. Het is vandaag heel gemakkelijk om bewust verkeerde informatie naar een heel groot publiek te verspreiden. Machtsmisbruik loert om de hoek. Daarover zouden we ons als politici grote zorgen moeten maken.”

De mazen in het net van de media zijn bijzonder groot. Als politicus zwem je daar makkelijk doorheen

Niet in het minst omdat ook politici zelf daar hun voordeel mee kunnen doen. Wie het systeem doorziet en de middelen heeft kan het makkelijk aansturen. “Je kunt ze echt alles wijs maken, als er maar conflictstof inzit”, zegt een partijvoorzitter. “De deur staat wagenwijd open. Ik voel me niet goed bij de wetenschap dat ik met eender welke foute uitspraak, zolang ze maar straf genoeg is, overal passeer. Als ik het kan, kan de rest dat namelijk ook en dan zijn we Venezuolaanse of Russische politiek aan het bedrijven. Een onafhankelijke pers zou daar een garantie tegen moeten zijn, niet de motor ervan. Helaas beginnen onze kranten spontaan te doen wat Poetin er in Rusland van eist: onzin op pagina één zetten en een dag later andere onzin, ook al is die compleet in tegenspraak met de onzin van een dag eerder.”

Voor politici die het van inhoud en dossierkennis moeten hebben, is die gang van zaken sowieso problematisch. “Politici die met dossiers bezig zijn, krijgen daar geen aandacht voor, terwijl vergaderingen waar niets gebeurt wel het nieuws halen. Dat is pijnlijk voor de hardwerkende parlementsleden, maar het klopt dat er een andere kant aan die medaille is: de mazen in het net van de media zijn bijzonder groot. Als politicus zwem je daar makkelijk doorheen. Niet elk compromis dat je als politicus sluit, is even mooi. Daar wil je dan liever geen media-aandacht voor. Als ik eerlijk ben dan zijn er ook wel eens dagen dat ik denk: oef, hier hebben we geluk gehad. En het klopt natuurlijk dat een lastige vraag makkelijk te pareren valt met een primeurtje.”

Morgen deel 3: Feed the beast.’Sommige ministers van mijn partij hanteren een communicatiebeleid waarbij ze enkel nog audiovisueel gaan. Zo zijn ze zeker dat hun woorden niet in een bepaalde richting worden geduwd of in een frame worden geplakt.’

Maak diepgravende journalistiek mogelijk: steun Apache.be en word abonnee of aandeelhouder.

FondsPascalDecroos

Dit onderzoeksartikel kwam tot stand met de steun van het Fonds Pascal Decroos voor Bijzondere Journalistiek.

Auteur: Tom Cochez

Licentiaat criminologie. Werkte van 1997 tot 2008 voor De Morgen. Hij volgde er vooral gezondheidszorg, sociale zaken en milieu en verdiepte zich in de politieke partijen Vlaams Belang en Groen. In 2008 koos hij ervoor om opnieuw op freelance basis te werken onder meer ook voor Knack en Humo. Een jaar later stond hij mee aan de wieg van De Werktitel, het latere Apache.be. Vandaag werkt hij als redacteur en coördinator.

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid