Luxemburgse geheimen: Spionagenest aan de achterdeur

 Leestijd: 3 minuten0

Nog geen jaar geleden moest de Luxemburgse premier Jean-Claude Juncker opstappen. Apache.be dook in de onwaarschijnlijke schandalen die zich onder het toeziend oog van de nieuwe Europese Commissievoorzitter afspeelden binnen de Luxemburgse geheime dienst. Een zomer lang ‘Luxemburgse geheimen’, inclusief de talloze vertakkingen naar België.

Jean-Claude Juncker. Op 1 november wordt hij Europees Commissievoorzitter. Een jaar eerder moest hij in Luxemburg aftreden na een onwaarschijnlijk schandaal binnen de Luxemburgse inlichtingendienst. (Foto Wikipedia)

Jean-Claude Juncker. Op 1 november wordt hij Europees Commissievoorzitter. Een jaar eerder moest hij in Luxemburg aftreden na een onwaarschijnlijk schandaal binnen de Luxemburgse inlichtingendienst. (Foto Wikipedia)

Frankrijk heeft Monaco, Duitsland heeft Liechtenstein en België heeft Luxemburg. Officieel is het groothertogdom natuurlijk een apart land, maar toch ook weer niet helemaal. Met zijn half miljoen inwoners en zijn reputatie als belastingparadijs lijkt het meer op een stadsstaat, die halvelings deel uitmaakt van ons land. Want het groothertogdom is met talloze draden verbonden met de Belgische staat: historisch, militair, fiscaal, monetair, economisch. Zelfs het Belgische vorstenhuis is familiaal verwant met de Luxemburgse groothertogen.

De media tonen weinig belangstelling voor Luxemburg. Ten onrechte, zo zal uit deze serie blijken, want het ministaatje aan onze achterdeur beschikt over een rijke en interessante fauna en flora. Er is bijvoorbeeld het Luxemburgse legertje, bestaande uit één infanteriebataljon en twee verkenningseenheden, samen goed voor duizend manschappen. Bij elke buitenlandse missie van de Belgische troepen gaan er wel enkele Luxemburgse collega’s mee. Voorts is er de Service de Renseignement de l’Etat Luxembourgeois (SREL), bestaande uit zestig personeelsleden, een geheime dienst die nauw samenwerkt met de Belgische Staatsveiligheid. De werking van de SREL liep de voorbije tien jaar zodanig in de soep dat er een parlementaire onderzoekscommissie nodig was om orde op zaken te stellen. Die commissie bracht een indrukwekkende waslijst van wantoestanden aan het licht en veroorzaakte de val van de christendemocratische premier Jean-Claude Juncker.

Bommeleeër

Binnen de SREL bestond een stay behind-organisatie van de Navo, die in Luxemburg eenvoudig Plan werd genoemd. Het was een anticommunistische verzetsgroep, die in actie moest komen in het geval West-Europa door de Sovjet-Unie onder de voet zou worden gelopen. Maar daarnaast bestond er ook een parallele stay-behind. Dit tweede, nog beter geheim gehouden netwerk werd volledig door de Amerikaanse CIA gerund en zou ook ingezet zijn tegen binnenlandse ‘communistische subversie’. Het is deze naamloze organisatie die door sommigen verantwoordelijk wordt geacht voor de reeks van achttien nooit opgehelderde bomaanslagen die Luxemburg teisterden in het midden van de jaren tachtig, en die bekend staat als de Bommeleeër-affaire.

Dat is alvast de stelling van de voormalige directeur van de SREL én van de advocaten van twee voormalige gendarmes, die momenteel voor de rechtbank staan op beschuldiging van het plegen van die aanslagen. Het Bommeleeër-dossier, dat tot op de dag van vandaag de gemoederen in het groothertogdom hevig beroert, vertoont opvallende gelijkenissen met ‘onze’ Bende van Nijvel. Bovendien zijn er ook mysterieuze raakvlakken tussen de Bommeleeër-zaak en de terreurdaden in ons land van de ‘extreemlinkse’ CCC en de ‘neonazistische’ Westland New Post (WNP).

Rariteitenkabinet

De combinatie van het parlementair onderzoek naar de malversaties bij de SREL en de debatten op het proces van de Bommeleeër brachten het onderzoek naar de onopgeloste dossiers uit de jaren tachtig in een dubbele stroomversnelling. Een groot aantal nieuwe, tot dan toe onbekende elementen kwam aan de oppervlakte. Een hele reeks bizarre creaturen, die in normale omstandigheden het daglicht schuwen, kwam tegen hun zin in het licht van de schijnwerpers te staan. Een losse greep uit dit rariteitenkabinet:

* Een topman van de SREL, die voordien op de Amerikaanse ambassade in Luxemburg had gewerkt, mocht ongehinderd grote delen van de geheime dienst ‘privatiseren’ en in dienst stellen van een Brits-Irakese zakentycoon met CIA-connecties. Vervolgens kon hij samen met een voormalig medewerker van de Navo en met financiële steun van de Luxemburgse overheid een privé-inlichtingendienst oprichten.

* Een gewezen Luxemburgs diplomaat, inmiddels parlementslid, heeft zich zogenaamd laten recruteren door de GRU, de militaire inlichtingendienst van de Sovjet-Unie. Maar in feite fungeerde hij als dubbelagent en gaf hij inlichtingen over de Russen door aan de CIA.

* De voorzitter van het Luxemburgse Rekenhof, die ook het budget van de SREL controleerde, zat tot over zijn oren in de schulden. Het gevolg was dat onderwereldfiguren zijn kantoor konden infiltreren en hijzelf verwikkeld raakte in allerlei duistere combines. Nadat de hoge ambtenaar werd ontslagen, werd hij opgevangen door de SREL: hij kreeg gratis een appartement van de geheime dienst en werd in dienst genomen als betaald informant.

* Een voormalig KGB-kolonel, die zich in Groot-Brittannië ontpopte tot miljardair en oligarch, kon de SREL inschakelen om een privé-conflict over geld uit te vechten met een topagent van de Spaanse geheime dienst.

* De Brits-Irakese zakentycoon die de SREL zo ongeveer had opgekocht, werkte aanvankelijk voor dictator Saddam Hussein. Vanuit Luxemburg werd hij bankier, wapenhandelaar en topinformant van de Britse geheime dienst. Om zijn machtspositie te verstevigen, koopt hij politici zoals andere mensen postzegels verzamelen.

* Een prins van het groothertogelijke familie, die door getuigen herhaaldelijk werd gesignaleerd in de buurt van nooit opgehelderde aanslagen van de Bommeleeër, blijkt over opvallend goede relaties met de CIA te beschikken.

* Een premier die na een ambtsperiode van negentien jaar struikelde over het schandaal rond de SREL, wordt een jaar later voorzitter van de Europese Commissie. Enkel de Britse premier David Cameron bleef zich hardnekkig verzetten tegen zijn benoeming.

Het kleine Luxemburg, met zijn opvallend grote concentratie aan banken en financiële instellingen, blijft een geliefkoosde vluchthaven voor grote fortuinen. Niet alleen bedrijfsleiders die de fiscus in de luren willen leggen, maar ook gevallen dictators, Afrikaanse staatshoofden, Russische maffiabazen, wapenhandelaars en organisatoren van internationale smeergeldcircuits: ze doen graag een beroep op de discrete faciliteiten van het groothertogdom. Dat gegeven maakt Luxemburg bijzonder interessant voor grote buitenlandse inlichtingendiensten. Maar uit de nieuwe gegevens die dankzij het parlementair onderzoek en het Bommenleeër-proces aan het licht zijn gekomen, wordt stilaan duidelijk dat Luxemburg ook heeft gediend als laboratorium voor ‘covert operations’ van de Britse en Amerikaanse geheime diensten.

Morgen deel 1: inlichtingendienst op drift

Auteur: Georges Timmerman

Werkte vijftien jaar als freelancer voor onder meer Knack, Trends, VRT-radio, Belgian Business Magazine en Markant. Van 1992 tot 2009 redacteur bij De Morgen. Verzorgde de economische, politieke en algemene berichtgeving. Gespecialiseerd in onderzoeksjournalistiek, fraude- en corruptiezaken, georganiseerde misdaad en inlichtingendiensten. Was bij De Morgen voorzitter van de redactieraad en leidde de personeelsdelegatie tijdens het collectief ontslag 2009.

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid