'Zonder economische gevolgen zijn de berekeningen van partijprogramma's waardeloos'

4 maart 2014 Peter Casteels
economen
economen
Oorspronkelijk was de bedoeling om allemaal samen te werken. (Beeld:Cushing Memorial Library and Archives, Texas A&M)

Een maand geleden kondigden De Standaard, De Tijd, VRT en de KU Leuven aan de verkiezingsprogramma’s van de politieke partijen te zullen doorrekenen. De weken daarvoor had zo ongeveer elke commentator en columnist daartoe opgeroepen: de verkiezingsbeloften waarmee partijen dreigden campagne te voeren waren niet altijd even onderbouwd. Zo stelde CD&V een hervorming van het belastingstelsel voor die werkende mensen 700 euro moet opleveren. Gevraagd naar hoe de partij dat plan van 2,7 miljard euro wilde financieren, maakte voorzitter Wouter Beke zich er mee vanaf dat pas eind februari daarover zou worden gecommuniceerd. Dat is vorige vrijdag gebeurd, maar op een moment dat België nog steeds ettelijke miljarden moet bezuinigen om enkel haar Europese afspraken na te komen, maakte dat een wel erg onbezonnen indruk.

In dezelfde week lanceerden Gwendolyn Rutten (Open Vld) en Wouter Van Besien (Groen) eenzelfde voorstel om de verkiezingsprogramma’s van politieke partijen te laten doorrekenen. Daar is achteraf niets meer van vernomen, maar na overleg onder de Vlaamse partijvoorzitters vertrok er vrijdag een brief naar De Nationale Bank en het Planbureau met de vraag of zij in zo een rekenoefening kunnen voorzien. Ondertussen begon aan de KU Leuven de voorbereiding voor de enige becijfering van partijvoorstellen die met zekerheid in de aanloop naar 25 mei zal verschijnen. De universiteit stelde Toon Vanheukelom vrij om de oefening te coördineren. Vanheukelom is onderzoeker bij André Decoster en de onderzoeksgroep Flemosi waar het Mefisto-model wordt gebruikt om het effect van voorstellen in te schatten. Dat toont aan welke inkomensgroepen voordeel hebben bij beleidswijzigingen. Aan het einde van vorig jaar publiceerde Flemosi, bijvoorbeeld, de gevolgen (pdf) van een belastingvoorstel van MR.

Resultaten afschieten

Het achterliggende idee was dat de modellen van de KU Leuven zouden worden aangevuld met de expertise van academici van andere universiteiten. Dan wordt er vanzelfsprekend naar de Gentse universiteit gekeken. Professor Gert Peersman was, onder andere in een column in De Standaard, één van de hevigste pleitbezorgers van zulke doorrekeningen. Maar die samenwerking tussen verschillende universiteiten verloopt niet van een leien dakje.

Gert Peersman: Een oefening die geen rekening houdt met alle effecten, kan in vijf minuten worden afgeschoten door critici

“Ik doe niet mee”, vertelt Gert Peersman. “Er ontbreekt momenteel een macro-economisch model om de voorstellen van partijen mee te berekenen.” Enkel de Nationale Bank en het Planbureau beschikken over een model dat in staat is de effecten voor de werkgelegenheid, economische groei en overheidsfinanciën te voorspellen. Mefisto heeft een veel beperkter opzet. Peersman: “Mefisto kan enkel laten zien welke inkomensgroepen het meeste of minste profiteren van een wijziging in belastingschalen of andere beleidsinstrumenten, maar houdt geen rekening met indirecte macro-economische effecten van deze wijzigingen, terwijl deze net cruciaal zijn om de verschillen tussen de partijprogramma’s te duiden.”

“Ik heb daar niets aan toe te voegen. En eigenlijk is een analyse die geen rekening houdt met macro-economische effecten waardeloos”, zegt Peersman. “Critici zullen aan vijf minuten genoeg hebben om die resultaten af te schieten. Neem lagere loonlasten. Dat is goed voor werkende mensen, maar degene die het grootste voordeel heeft zijn werklozen die dankzij de maatregel een baan vinden. Dat soort effecten zullen onzichtbaar blijven, laat staan de terugverdieneffecten voor de begroting.”

'Marketing'

Professor Koen Schoors, eveneens van Gent, schreef vorige week een giftige column in De Morgen – de enige kwaliteitskrant die niet betrokken is bij de oefening – waarin hij, weliswaar in nogal omslachtige formuleringen, aankondigde dat de hele oefening zelfs niet doorgaat. “De academici begrepen dat de media geen zier gaven om het hele idee van een doorlichting als publiek goed, maar dat ze gewoon een paar zieltjes wilden winnen voor hun krant, tijdschrift of kanaal”, vat hij het samen, na te hebben vastgesteld dat de media ‘prematuur’ communiceerden zonder iedereen te raadplegen.

Koen Schoors: De doorrekening is een vorm van marketing voor de kranten en zenders die enkel dient om hun lezersaantallen en kijkcijfers te verhogen

Gevraagd naar enige uitleg, blijkt het Schoors vooral dwars te zitten dat de deelnemende media de exclusiviteit van de informatie claimden. In zijn ogen is dat een publiek goed waar iedereen toegang toe moet hebben. “Het is een vorm van marketing voor de kranten en zenders die enkel dient om hun lezersaantallen en kijkcijfers te verhogen. Ze zien het helemaal niet als een middel om de democratie te verbeteren: dat zou het nochtans wel moeten zijn.”

Een voorspelbare opmerking is dat Schoors deze kritiek neerschreef omdat De Morgen, de krant waarin hij zijn columns publiceert, niet betrokken is bij deze oefening. Maar die insinuatie wil Schoors meteen uit de lucht: “alle media zijn in hetzelfde bedje ziek: ik wil er geen pingpongspel van maken. Het is ook geen concurrentie tussen de Gentse en de Leuvense universiteit: daar heeft het allemaal niets mee te maken. Er was een goed idee, maar de media hebben dat vakkundig vermoord. Het wordt niet langer door alle academici gedragen, dus de impact ervan zal zeer klein zijn.”

Schoors deed het in zijn column lijken of het hele opzet is geannuleerd, maar bij de KU Leuven zijn ze zich van geen kwaad bewust. De onderzoekers willen liefst niet reageren op de uitlatingen van Schoors aangezien ze niet weten waar die precies vandaan komen. Ook Gert Peersman zegt dat Schoors enkel voor zichzelf spreekt, maar hij is het niettemin eens met de commentaar van zijn collega. Net als hem had Peersman liefst gezien dat de resultaten zouden worden gepresenteerd op een openbare persconferentie of website zodat ze voor iedereen beschikbaar zijn. Maar doorslaggevend is die kritiek dan weer niet. Gert Peersman: “Als er een macro-economisch model wordt gevonden dat inschattingen kan maken, wil ik eventueel wel meedoen.” Het ziet er echter niet naar uit dat de KU Leuven in enkele weken tijd zo een model kan uitwerken, en de Nationale Bank noch het Planbureau worden betrokken. Daarmee blijft de oefening alleszins veel beperkter dan wat het Centraal Planbureau tijdens elke campagne in Nederland presenteert.

Apache.be publiceerde eerder al een artikel over de ambities om gevolgen van verkiezingsprogramma's te voorspellen.

LEES OOK