Loonextremisme

24

Nergens wordt het onvermogen van beleidslui beter geïllustreerd dan in symbooldossiers. De symbolen zijn door de band genomen slecht gekozen wegens voor een overgrote meerderheid volstrekt irrelevant of zelfs schadelijk. Beleidslui zijn bereid een land een paar decennia te gijzelen voor een kieskring van drie man en een paardenkop, of een ondernemingsklimaat te verzieken voor een idee-fixe van een petieterige managementelite die graag tot zevenmaal zeventigmaal langs de kassa van de zelfbediening passeert.

Herman LoosOndernemersverenigingen zetten de hakken in het zand om onbegrensde toplonen te verdedigen, een symbooldiscussie om het belabberde ondernemingsklimaat aan te klagen. Alleen, wanneer het erom gaat een verziekte economie aan te klagen is er nauwelijks een slechter symbool denkbaar. Toplonen zijn namelijk de kern van het ziektebeeld. Ze zijn immers de formele bevestiging van een perverse race to the bottom, daar waar de hoogste winsten en de laagste arbeidsvoorwaarden voor werknemers samenkomen.

Perverse elementen

CEO’s zijn in het recente verleden buitensporig beloond voor een beleid met drie perverse elementen. Doe ten eerste meer met minder mensen. Verhoog de productiviteit, ontsla hen die het nieuwe ritme niet kunnen volgen. Hol vervolgens de contractvoorwaarden uit. Werk met interim, contracten van bepaalde duur of onderaannemers die verstand hebben van uitbuiting. Verhuis ten slotte de productie naar regio’s waar de regelgeving beide toelaat. In Bangladesh doet niemand moeilijk, “daar willen de mensen nog werken.” Bedrijven worden gesaneerd ten koste van de maatschappelijke gezondheid, winsten gaan exclusief naar management en aandeelhouders.

Dat wordt dan gepromoot door werkgeversverenigingen, door ondernemersgroepen, door economisch-liberale politici. Liefst gekoppeld aan een beperking van uitkeringen in de tijd en dwangarbeid voor leefloners. Een ondernemingsvriendelijk klimaat, heet het dan. Maar is dat wel zo? Wat heeft een startende ondernemer of de bedrijfsleider van een KMO in godsnaam te winnen bij toplonen die worden betaald aan CEO’s van internationale bedrijven als beloning omdat ze net die starters en KMO’s uit de markt concurreren?

Luidruchtig maar klein

Waar blijft de ondernemersvereniging die pleit voor een redelijke en rechtvaardige loonspanning?

Toplonen zijn in de eerste plaats een vorm van extremisme. Misschien moeten we naar goede traditie de gematigden maar eens oproepen om afstand te nemen. Waar blijft de ondernemersvereniging die pleit voor een redelijke en rechtvaardige loonspanning? Door de hoogste aan de laagste lonen te koppelen in een bedrijf – inclusief onderaannemers die de kuisploeg aanleveren – wordt de race to the bottom gekeerd. Van een goed loonspanningsbeleid profiteren werknemers, kleine zelfstandigen, beginnende ondernemers, KMO’s.

De enige groep die niet wint bij een rechtvaardig loonspanningsbeleid, zijn mensen die vinden dat pakweg twintig keer meer verdienen dan een ander peanuts is; zij die vinden dat een ondernemingsklimaat pas gunstig is wanneer men een beroep kan doen op een leger wanhopige, werkende armen. Ik schat die groep extremisten, zoals elke groep extremisten, luidruchtig maar klein in. De verdeling van financiële middelen moet grondig herdacht worden, in de sport, in de kunsten, in de populaire cultuur, in de bedrijfswereld. Monsterlonen dragen op geen enkele manier bij aan een gezonde economie en zijn als symbooldossier wat men in de logica noemt: een slecht argument.

Auteur: Herman Loos

Herman Loos is auteur van Menselijke grondstof. Over leven op de bodem van de Europese arbeidsmarkt (Uitgeverij EPO), docent filosofie en ethiek aan hogeschool Odisee (Brussel) en docent sociologie aan AP Hogeschool (Antwerpen). Hij schreef columns voor Apache en publiceert ongeregeld opiniestukken en gastbijdragen bij uiteenlopende media.

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid