Onbetaalbaar

15

Laat ik, nu ik een week in mijn thuisland vertoefd heb en in een moeite door de kaap van drieëndertig levensjaren heb gerond, even het testament van mijn jeugd opmaken. Drie jaar ben ik nu weg van het Vlaanderen waar ik opgroeide. Vorige jaren wilde ik vooral mezelf wijsmaken dat ik ver afsta van de mentaliteit op mijn geboortegrond. Na een moeizaam en moeilijk jaar stel ik vast: ik ben echt weg. Dit land is mijn land niet meer.

Herman LoosIk kreeg een mailtje van de uitgever die vorig jaar mijn manuscript afwees omdat de insteek – een fictionele verhaallijn in een recent historisch kader – hem niet aansprak. Ik schreef dat ik het niet bij een andere uitgever geprobeerd had maar de tekst gratis beschikbaar stelde, zoals ongeveer alles wat ik schrijf gratis beschikbaar is gesteld. Een goede zaak vond hij dat niet. Hij had het over geld, over hoe je moet investeren in je talent en je laten betalen voor je arbeid.

Mijn ouders en schoonouders, stilaan zestigers, spraken over het pensioen dat over enkele jaren wenkt en de bedragen die correspondeerden met mogelijke startdata. Mijn schoonzus praatte over de hoge huizenprijzen in de buurt en de onmogelijkheid om dat plaatje financieel rond te krijgen. Aan tafel borrelde de grondstroom bij momenten op. Gelijktijdig werd gesproken over Vlaanderen als rijkste regio ter wereld en het profitariaat dat er welig tiert.

Dumdum-d-d-di-dum

Dat liedje. It’s all about the money / It’s all about the dumdum-d-d-di-dum. Het lijkt een thema voor deze Vlaamse week. Zovele gesprekken draaiden uiteindelijk uit op geld. Hoe het te verdienen, waaraan het te spenderen. Het verstikkende gevoel dat niets kan zonder geld is een zorg die ik meestentijds van me kan afzetten in mijn eigen wereldje op het Franse platteland, waarin geld een onbeduidende rol speelt, veelal een figurant is. De absolute cultuurshock die een familiedagje in Antwerpen betekent. Smijten met maandbudget.

Leef ik in een sussende illusie daar in Frankrijk of is net wat ik hier ervaar een ingebeelde ziekte?

Mijn vlakke land, mijn tochtgat aan de Noordzee. Je houdt me een spiegel voor. In mijn ogen staat een vraagteken – kan het zo verder? Op de website van mijn bedrijfje staat dat ik wielertoeristen begeleid in de streek, prijs overeen te komen. Wat die prijs is? Een koffietje onderweg of desnoods een goede grap. Ik kan me er niet toe zetten geld te vragen. Omdat ik me er niet toe kan zetten. Er is geen andere verklaring. Ik hossel tussen jobs en periodes met blanco inkomen. Ik geef vrijwel nooit geld uit aan iets anders dan de lening, voedsel of vaste kosten. Ik leef goed. Waarom zou ik meer verlangen?

Het afgelopen jaar is een rust over me neergedaald. Het lukt wel, zegt die gemoedstoestand. Of zoals ik ooit op de lange weg naar Compostela leerde: een oplossing dient zich onderweg aan. Je breekt snoeihard in, mijn plat pays. Je verbrijzelt mijn zelfvertrouwen. Leef ik in een sussende illusie daar in Frankrijk of is net wat ik hier ervaar een ingebeelde ziekte? Vlaanderen is een regio waar een alternatief voor het leven-om-te-werken stilaan uitgeroeid lijkt. Dat kan toch niet enkel mij in de koude kleren gekropen zijn? Mijn natte vinger zegt me dat het wachten is tot de veer breekt. En breken zal ze, want op een bepaald moment wordt ontspannen vast onbetaalbaar, zoals alles in mijn vaderland stilaan onbetaalbaar wordt.

Auteur: Herman Loos

Herman Loos is auteur van Menselijke grondstof: over leven op de bodem van de Europese arbeidsmarkt (EPO). Hij is docent filosofie en ethiek aan hogeschool Odisee (Brussel) en docent sociologie aan AP Hogeschool (Antwerpen). Hij schreef columns voor Apache en publiceert ongeregeld opiniestukken en gastbijdragen bij uiteenlopende media.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid