Het gezinsdrama van Het Laatste Nieuws en Het Nieuwsblad

2

‘Zet het verhaal niet als eerste item’. ‘Plaats geen foto’s van de persoon die overleden is’. ‘Geef geen gedetailleerde info die de herkenbaarheid vergroot’. ‘Vermijd dramatisering’. Het zijn maar enkele uittreksels uit de mediarichtlijnen rond zelfdoding die deze week, naar aanleiding van een gezinsdrama, flagrant met voeten werden getreden in Het Laatste Nieuws en Het Nieuwsblad. De politieke wereld wil ‘een krachtig signaal geven’ dat het zo niet verder kan.

Openingspagina's Het Laatste Nieuws en Het Nieuwsblad maandag 6 januari 2014

Openingspagina’s Het Laatste Nieuws en Het Nieuwsblad maandag 6 januari 2014

Het voorbije weekend voltrok zich in het Waasland een gezinsdrama. Een man doodde zijn minnares en het kind dat ze samen hadden. Daarna pleegde hij zelfmoord. De feiten, inclusief grote foto’s en getuigenissen schopten het tot op de voorpagina van zowel Het Nieuwsblad als Het Laatste Nieuws. Beide populaire kranten reserveerden ook de pagina’s twee en drie voor vaak smeuïge berichtgeving over het gezinsdrama.

Het Nieuwsblad, pagina's 2 en 3, maandag 6 januari 2014

Het Nieuwsblad, pagina’s 2 en 3, maandag 6 januari 2014

 

Het Laatste Nieuws, pagina's 2 en 3, maandag 6 januari 2014

Het Laatste Nieuws, pagina’s 2 en 3, maandag 6 januari 2014

Sierre

Het deed wat denken aan de berichtgeving enkele jaren terug over het busdrama in Sierre. Toen zondigden beide kranten ook tegen de code voor journalistiek, onder meer door foto’s van verongelukte kinderen op de frontpagina’s en binnenin af te drukken. Enkele nabestaanden trokken naar de Raad voor Journalistiek, maar tot een feitelijke zaak of veroordeling kwam het niet. De hoofdredacties van beide kranten en de nabestaanden gingen in gesprek. Onder meer de belofte dat de kranten zich in de toekomst zouden onthouden van een dergelijke sensationele aanpak, overtuigde de nabestaanden ervan hun klacht te laten vallen.

In het bericht dat de Raad voor de Journalistiek naar aanleiding van dat overleg publiceerde lezen we het volgende:

De hoofdredacties begrijpen dat de publicatie van de foto’s, zonder voldoende voorafgaand overleg met nabestaanden, bij hen voor bijkomend leed heeft gezorgd. Ze willen zich daarvoor bij de betrokkenen verontschuldigen.

De hoofdredacties hebben ook kennis genomen van de richtlijn die de Raad voor de Journalistiek in april jl. heeft uitgevaardigd, en waarin een grote terughoudendheid wordt voorgeschreven bij het gebruik in de pers van foto’s die afkomstig zijn van persoonlijke websites en van sociale netwerken zoals Facebook. De kranten nemen zich voor om die richtlijn, die ze onderschrijven, nauwgezet na te leven.

Het volstaat om de voorpagina’s van beide kranten van afgelopen maandag te bekijken om vast te stellen dat de hoofdredacties zich van hun eigen beloften niets aantrekken. Dat is blijkbaar ook de politieke wereld niet ontgaan. In een plenair debat gisteren in de Kamer ontspon zich een discussie over de berichtgeving over het gezinsdrama naar aanleiding van een actuele vraag van Johan Sauwens (Cd&v).

Richtlijnen

Daarin herinnert hij onder meer aan het actieplan rond zelfdoding dat vorig jaar nog werd geactualiseerd door minister van Welzijn, Jo Vandeurzen (Cd&v). Daarbij werden onder meer mediarichtlijnen opgesteld door Werkgroep Verder, samen met enkele journalisten. Richtlijnen die mee opgenomen zijn in de deontologische code van de Raad voor de Journalistiek. De richtlijnen lezen zowat als het spiegelbeeld van wat er maandag gebeurde op de pagina’s van Het Nieuwsblad en Het Laatste Nieuws. Sauwens citeert zelf uit de richtlijnen in zijn actuele vraag (citaat uit het voorlopig verslag van de Handelingen Plenaire Vergadering van 08 januari 2014):

Zet het verhaal niet als eerste item, maar lager op de webpagina of in de krant. Als het verhaal op de frontpagina moet, dan bij voorkeur onderaan. Het kan immers kopieergedrag uitlokken. (…) Plaats geen foto’s van de persoon die overleden is (…). Vermijd herhaling van het bericht. (…) Geef geen gedetailleerde info die de herkenbaarheid vergroot. Wees extra waakzaam bij een zelfdoding van een bekend persoon of bij een zelfdoding die plaatsvindt op een publieke plaats. (…) Vermijd dramatisering. (…) Wees extra voorzichtig met het berichten over de zelfdoding van een bekend iemand. Onzorgvuldige en sensationele berichtgeving over de zelfdoding van een bekend persoon heeft nu eenmaal een grotere impact dan wanneer het over een onbekend iemand gaat.

Sauwens wilde van minister van Media Ingrid Lieten (sp.a) weten wie die richtlijnen controleert. “Ik vraag geen zware sancties, maar op welke wijze zouden we dit fenomeen, dat toch een beetje dreigt te escaleren, kunnen terugdringen?”

Het debat leerde verder dat niet enkel minister Lieten, maar ook politici uit zowat alle fracties forse bedenkingen hadden bij de openingspagina’s van een aantal kranten. Tegelijk hoeden politici zich voor het opleggen van concrete maatregelen en pleiten ze voor zelfregulering. In de marge kan er wel wat gebeuren: de verplichting om beslissingen van de Raad voor Journalistiek in het eigen medium te publiceren bijvoorbeeld, of extra opleidingen voor journalisten. Maar, zo zei ook minister Lieten, de beslissingen worden vaak op een niveau boven de individuele journalist genomen:

Voor een journalist is het niet altijd gemakkelijk om in het dagelijkse leven afwegingen te maken. De journalist levert een stuk aan, het is dan vaak de hoofdredactie of de lay-out die bepaalt waar en hoe het staat.

Krachtig signaal

De hamvraag is of zelfregulering, onder druk van een voortschrijdende commercialisering, nog wel volstaat om kranten in de pas te dwingen. Dat hoofdredacties zelf de code onderschrijven en beloftes formuleren zoals na het busdrama in Sierre, verhindert hen blijkbaar op geen enkele manier om ze vervolgens flagrant met voeten te treden.

Johan Sauwens liet op het einde van het plenair debat weten dat de politieke wereld een krachtig signaal moet geven dat het zo niet verder kan:

Het is goed dat we een krachtig signaal geven, niet te vrijblijvend, want anders wordt het enkel erger (…) Ik denk dat we die (filosofische discussie, ToC) moeten voeren, omdat de ontwikkelingen in de media vandaag dermate snel gaan. De strijd voor de lezers, luisteraars en kijkers wordt massaal gevoerd, en men ziet een rechtstreekse link tussen de kranten met de grootste oplage en juist dit soort berichtgeving.

Vraag blijft hoe dat ‘krachtig signaal’ precies zal gegeven worden. In de reguliere media was er vandaag alleszins geen berichtgeving over het debat in de plenaire vergadering.

Auteur: Tom Cochez

Licentiaat criminologie. Werkte van 1997 tot 2008 voor De Morgen. Hij volgde er vooral gezondheidszorg, sociale zaken en milieu en verdiepte zich in de politieke partijen Vlaams Belang en Groen. In 2008 koos hij ervoor om opnieuw op freelance basis te werken onder meer ook voor Knack en Humo. Een jaar later stond hij mee aan de wieg van De Werktitel, het latere Apache.be. Vandaag werkt hij als redacteur en coördinator.

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid