Politieke primeurs: cadeauverpakking of noeste arbeid?

0

De Standaard kon in de weekendkrant aankondigen dat CD&V met Operatie Innesto is gestart. Pas diezelfde dag werd het nieuws over de partijvernieuwing voorgesteld aan de andere media. Het artikel zag eruit als een nieuwsstuk (‘CD&V lanceert nieuwe scheuten op oude stokken’) maar het was eigenlijk een interview – ‘Wouter Beke zit goed in zijn vel’ als openingszin – met de voorzitter. Mazzel dat hij een nieuwtje had of interviewen op afspraak?

Wouter Beke (Foto Geoffroy Van der Hasselt – Reporters)

Het interview met Beke zag eruit als een schoolvoorbeeld van ingeseind nieuws, maar er valt niet achter te komen hoe het precies gelopen is. Marjan Justaert, die het interview samen met Peter de Lobel afnam wil er niets over zeggen (‘interne keuken’) en Steffen Van Roosbroeck, woordvoerder van CD&V, houdt het bij de opmerking dat er onderwerpen zijn waar sommige kranten meer mee kunnen dan andere. “Een ideologisch verhaal als Operatie Innesto is niet voor iedereen even interessant”, zegt hij daarover.

Bij toeval

Wel willen Justaert en Van Roosbroeck praten over de manier waarop nieuwsverhalen en primeurs zoals deze tot stand komen. “Het is een wisselwerking tussen ons en de journalisten”, zegt Van Roosbroeck. “Zij weten waar wij mee bezig zijn, en wij laten hen weten wanneer we ergens over kunnen communiceren. Met de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde ging het zo. Iedereen wist dat wij daar aan werkten, en wij hebben aangegeven wanneer Wouter Beke daar interviews over kon geven.”

Marjan Justaert wil het woord ‘wisselwerking’ niet gebruiken. “Dan lijkt het alsof wij de hele dag bezig zijn dealtjes te sluiten. Maar we moeten daar ook niet flauw over doen. Als je politieke partijen of dossiers volgt, weet je waar politici mee bezig zijn. En zij weten wat wij volgen. De ene keer is het een politicus die een onderwerp voorstelt, maar het zijn ook vaak journalisten die ergens weet van hebben. Wouter Beke had voor de gemeenteraadsverkiezingen in Metro gezegd dat zijn partij een inhoudelijk probleem had en dat hij daar na 14 oktober werk van ging maken. Iedereen wist dat er iets zat aan te komen.”

Het zijn soms ook toevalligheden die nieuws bij bepaalde journalisten doen belanden. “Als ik mee ga met Beke spreek ik regelmatig met journalisten en zo komen zij wel eens iets te weten” zegt Van Roosbroeck, maar hij heeft het ook over een ‘communicatiestrategie’. “Die hou ik liever voor mezelf, maar het spreekt voor zich dat wij nadenken over de manier waarop wij nieuws naar buiten brengen. Soms is een algemeen persmoment geschikt, maar soms heeft het zin om één krant of zender als eerste in te lichten.”

Woordvoerder CD&V: Journalisten weten waar wij mee bezig zijn, en wij laten hen weten wanneer we ergens over kunnen communiceren

Gevoeligheden

Ook journalisten hebben baat bij zulke afspraken. “Een gedrukte krant komt altijd een dag na het nieuws”, zegt Justaert. “Als er zaterdag nieuws is, kunnen we daar zelfs pas na twee dagen over schrijven. En dan is het eigenlijk al oud nieuws. Daarin willen politici ons soms helpen, en ze hebben er zelf ook baat bij. Ze kennen de gevoeligheden van journalisten. Wij zijn graag de eerste, en altijd geïnteresseerd in primeurs. Dat weten ze.”

Worden er ook eisen gesteld bij zulke afspraken?

Justaert: “Ik heb zowel voor De Morgen als De Standaard gewerkt en heb er geen weet van dat politici erin slaagden eisen op te leggen aan journalisten. Ze proberen dat misschien wel, maar dat laten wij nooit toe.” (“Journalisten zijn volkomen autonoom”, zegt Van Roosbroeck hierover. “Het is niet dat we uitgeschreven teksten afleveren die we graag gepubliceerd zien.”)

Marjan Justaert: Wij zitten niet de hele dag te wachten tot een politicus ons iets toewerpt.

En andersom? Eisen journalisten soms exclusiviteit?

“Wij kunnen politici niet verbieden om met andere media te praten, maar het is een kwestie van respect. Elk nieuwsmedium heeft graag bepaald nieuws als eerste. Als politici zelf met een ‘primeur’ aankomen, houdt dat in dat ze het exclusief aan jou geven. Als het gaat om opiniebijdragen, wordt doorgaans wél exclusiviteit gevraagd.”

Gebeurt het dat grote interviews in weekendbijlagen zoals Zeno of DS Weekblad worden gemaakt omdat een politicus een nieuwtje heeft?

“Ik kan mij daar geen enkel voorbeeld van herinneren, maar ik kan niet zeggen dat het nooit gebeurt.”

Nieuwtjes en primeurs die al dan niet in een ‘wisselwerking’ tot stand komen, zijn uiteraard maar een deel van de politieke berichtgeving. “Wij zitten niet de hele dag te wachten tot een politicus ons iets toewerpt”, vertelt Justaert. “Het nieuws dat ze weggeven is ook niet het boeiendst. Wat we zelf boven spitten, is meestal veel interessanter. Neem de nota van Noël Slangen. Die is niet komen binnenwaaien, maar was het resultaat van gedegen journalistiek werk.”

Debat

Om het debat verder aan te zwengelen, zal Apache bij artikels die onder de noemer ‘mediakritiek’ verschijnen telkens een aantal concrete vragen formuleren. Het zijn enkele voorzetten, helemaal niet limitatief bedoeld. Ook via Facebook en Twitter hopen we dat uitspraken of stellingnamen worden bediscussieerd. Eens een discussie afgerond, bundelen we de reacties en opmerkingen die verschijnen op de site en elders op het net in een nieuw document.

Mag de interviewvorm gebruikt worden om primeurs van politici door te geven?

In Nederland deden enkele journalisten, waaronder Clairy Polak, een oproep om afspraken met politici steeds te publiceren. Zou dat een goede zaak zijn, of wordt het werk van journalisten daarmee onnodig lastiger gemaakt?

“De enige reden waarom politici nu willen praten, is om met bagger te gooien of een visje uit te werpen. In het eerste geval moet je als journalist weigeren want bagger is altijd oninteressant. In het tweede scenario ben je gewoon uitgekozen om die dag het verlengstuk te zijn, hun pr-man. Ook dán had je nee moeten zeggen. Je zou afscheid moeten nemen van dat systeem en alleen nog op jóuw verzoek met politici spreken, puur over de inhoud”, zei Joris Luyendijk vorig jaar in De Morgen. Zit daar iets in, of zijn het praatjes van iemand die het zich enkel kan permitteren omdat hij toevallig een leuke baan bij The Guardian heeft?

Auteur: Peter Casteels

Peter Casteels (1989) studeerde politieke wetenschappen aan de Universiteit Gent. Op Twitter spreekt u hem best aan met @pcasteels en mailen kan naar peter.casteels@apache.be.

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid