Ford Genk in fort Europa

5

Iets meer dan een jaar geleden gingen jongeren in Londen aan het rellen. Er werd gejat dat het een lieve lust was, auto’s en gebouwen vlogen in brand en ik leerde wat een ‘hoodie’ precies betekende. De politie kreeg de rellen pas na enkele dagen onder controle en de inwoners van de getroffen wijken maakten doodsbenauwende nachten door.

Het piket aan Ford Genk (Foto David Nys / StampMedia)

Het piket aan Ford Genk (Foto David Nys / StampMedia)

Wat daarop volgde was zo voorspelbaar dat het weer bijzonder werd: een ouderwets debat tussen links en rechts over de oorzaak van deze rellen. De conservatieve regering van David Cameron wilde de aanstokers keihard aanpakken en hen op hun individuele verantwoordelijkheden wijzen. Links pleitte voor meer begrip voor de jongeren. De samenleving had hen zo gemaakt. Nu klinkt het vervelend, maar toen was dat eeuwenoude debat opnieuw even brandend actueel.

Een spectaculaire gebeurtenis wordt altijd politiek gerecupereerd. Moet politiek worden gerecupereerd, want het tegenovergestelde zou betekenen dat het niemand aan het denken heeft gezet. Het was vorige week niet anders. Ford kondigde aan haar fabriek in Genk te sluiten – waarbij in totaal waarschijnlijk 10.000 mensen hun baan zullen verliezen – en meteen ontstond er een fel debat. Een debat dat overigens overtuigend werd gewonnen.

Het was de voorbije week indrukwekkend te zien uit welke holen woordvoerders van alle mogelijke werkgeversorganisaties en hun sympathisanten kwamen gekropen

Doe de dingen

Het nieuws was nog niet helemaal doorgedrongen tot de werknemers van Ford zelf, of ze konden al een werkgeversvertegenwoordiger op de radio horen dicteren wat het probleem was. De hoge loonkost in België natuurlijk. Het was de voorbije week indrukwekkend te zien uit welke holen woordvoerders van alle mogelijke werkgeversorganisaties en hun sympathisanten kwamen gekropen om op de radio, televisie of in de krant hun beklag te doen over de loonlast in België. Alsof ze het hadden geoefend. Bart De Wever probeerde ook een slaatje te slaan uit de Limburgse misère door te spreken over de ‘wallonisering’ van de Vlaamse economie, maar het was toch vooral de loonlast die iedereen rond toeterde.

De tegenstand was zwak. Joël De Ceulaer maakte een hartverwarmend interview met vakbondsman Gaby Colebunders, maar de werknemersorganisaties zijn niet meer in staat het debat te domineren. De afgelopen jaren kregen ze zware klappen. Enkel ABVV’er en parlementslid Meryame Kitir wist sympathie op te wekken. Helaas met een volstrekt betekenisloze speech in de Kamer. “Voer alstublieft het debat dat gevoerd moet worden. Doe de dingen die nu moeten gebeuren”, riep ze hulpeloos uit. Het kamerbrede applaus dat volgde maakte pijnlijk duidelijk hoe nietszeggend apolitiek haar tussenkomt was.

Naar Spanje

Het medeleven met Kitir is over enkele weken vergeten, maar de mantra die de werkgevers er hebben ingeramd blijft hangen. Doodjammer – ik zou zelfs van een gemiste kans willen spreken -, want Ford Genk had de aanleiding moeten zijn van een heel ander debat. De sluiting van de fabriek heeft weinig tot niets met de discussie over loonkost te maken. Deze week werd ons stelsel als steeds met Duitsland vergeleken (ook door Paul De Grauwe), maar Ford verhuist helemaal niet naar Duitsland. Zelfs niet naar een ander ons omringend land. Ford gaat naar Spanje.

De Spaanse werkloosheid bedraagt meer dan 25 procent, dus Ford zal niet veel extralegale voordelen moeten bieden om wanhopige werkzoekenden aan te trekken

Spanje is één van de Zuid-Europese landen waar de financiële crisis een apocalyptische kaalslag heeft aangericht. De economie krimpt, en de overheid voert onder aanmoediging van de Europese Unie niet enkel snoeiharde bezuinigingen door, maar ook verregaande hervormingen van de arbeidsmarkt. Wat in deze betekent dat de sociale bescherming wordt uitgehold. De Spaanse werkloosheid bedraagt ondertussen meer dan 25 procent, dus Ford zal niet al te veel extralegale voordelen moeten bieden om de wanhopige werkzoekenden aan te trekken.

Eengemaakte economie

In Zuid-Europa ontstaat een welvaartsmodel waar België niet mee kan concurreren. Geen enkele realistische loonhervorming zal kunnen tippen aan wat de Spaanse sloophamer aanrichtte. Maar zowel de Belgische als Spaanse werknemers leven binnen de Europese Unie. Ze worden zelfs uitbetaald in dezelfde munt. Europese sociale minima kunnen ervoor zorgen dat landen niet meer tegen elkaar worden uitgespeeld, en zijn eigenlijk vanzelfsprekend in de eengemaakte economie die de eurogroep pretendeert te zijn. Nochtans amper iets over gehoord vorige week.

Niemand was in staat dat debat af te dwingen. Enkel een onbeholpen poging van Laurette Onkelinx om met Ford Genk het bezuinigingsbeleid van Europa af te zwakken, en enkele voorstellen om lasten op arbeid te verschuiven naar vermogensbelastingen. Alleraardigst, maar er werd gedebatteerd over waar de werkgeversorganisaties het over wilden hebben. Naast de loonkost ook de onhoudbaarheid van het brugpensioen. Als het over de werknemers was gegaan, had iemand de sociale minima in Europa op tafel moeten krijgen.

Auteur: Peter Casteels

Peter Casteels (1989) studeerde politieke wetenschappen aan de Universiteit Gent. Op Twitter spreekt u hem best aan met @pcasteels en mailen kan naar peter.casteels@apache.be.

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid