Mediakritiek op z’n smalst

3

VRT-nieuwsanker Wim De Vilder, zo lazen we gisteren in De Standaard, praat als was hij het menselijke equivalent van een hogedrukreiniger. Dany Verstraeten van het VTM-nieuws daarentegen, is een baken van betrouwbaarheid, een sokkel van degelijkheid in deze opgehitste tijden. Op spottende wijze wikt en weegt de ‘TV-fluisteraar’ van dienst de présence en de sereniteit van zijn collega’s op de Vlaamse nieuwsdiensten.

Op zich is zo een bewust provocerende column, die smeekt om commotie en impact, niet het vermelden waard. Helaas is het een treffende illustratie van wat mediakritiek nu net niet moet zijn maar wel steeds meer dreigt te worden: een soort Dag Allemaal over televisie.

Koken

Media die het over zichzelf hebben. Het leidt helaas niet altijd tot zelfreflectie of interessant nieuws. Op televisie kennen we het fenomeen al lang: nieuwsankers of programmamakers die te gast zijn in hun eigen studio’s. Dat kan natuurlijk informatief zijn. Het hangt af van wat ze komen vertellen. Als het is om de kijker een blik achter de schermen te gunnen, dan is het soms uitermate relevant. Media BV’s worden ook dikwijls om hun mening over de actualiteit gevraagd. Ook dat is logisch: dag in dag uit verstrekken ze duiding, interviewen ze gasten en dragen ze bij tot de publieke opinievorming. Soms zijn het gewoon de betere experts ter zake.

Daar komt het opmerkelijke fenomeen bij dat het nieuwsanker voor de kijker vaak de publieke opinie incarneert: het nieuwsanker volgt het voor ons op, stelt de vragen die wij ook zouden kunnen stellen en gaat de discussie aan. Hij of zij spreekt nieuws, dat zijn we zo gewoon.

De problemen beginnen wanneer het nieuwsanker zelf de actualiteit wordt. Zodra het nieuws zelf het nieuws geworden is, zit de kijker naar een autistische reeks herhalingen te kijken. Dan volgt al snel het hellend vlak richting BV cultuur, met een overdaad aan exhibitionistische mededeelzaamheid: programmamakers die vertellen wat ze mooi of lelijk vinden, leuk of saai, waar ze graag gaan eten en wat ze graag eten. Of ze kunnen koken en zo ja, hoe zij dat doen.

Ombudsman

In de gedrukte pers verloopt het helaas niet anders. Sommige nieuwssites doen aan mediakritiek en trachten mee de journalistieke deontologie te bewaken, maar reguliere media blijven achter. Nochtans kunnen de media ‘als vierde macht’ niet voldoende waakhonden en klokkenluiders gebruiken. Een variant is de ombudsman. De Standaard schafte zichzelf een gewetenspersoon aan die de lezer van metareflectie voorziet. Dat is althans het idee en het is ongetwijfeld een lovenswaardig principe. In de praktijk is het echter alles behalve onbesproken. De ombudsman is namelijk ook gewoon een opiniemaker die over allerhande onderwerpen schrijft, maar desondanks een bijzonder statuut aangemeten krijgt: dat van de objectieve media-expert die officieel, in eer en geweten en ‘onafhankelijk’ van de redactie, elke week zijn oordeel neerschrijft. Dat wekt de illusie dat zijn opinie meer waard zou zijn dan die van de ‘gewone’ journalist.

Het journalistieke gewetensonderzoek van de ombudsman kan bovendien omslaan in een slimme immuniteitstrategie. Soms is de ombudsman gewoon een betaalde advocaat van de krant, die heel wat ruimte en gezag toegemeten krijgt om boze lezers met een dunne of zelfs dubieuze argumentatie van counseling te voorzien.

Het journalistieke gewetensonderzoek van de ombudsman kan omslaan in een slimme immuniteitstrategie. Soms is de ombudsman gewoon een betaalde advocaat van de krant

De redactie heeft daarmee een handige buffer gecreëerd: als het misloopt, dan is er nu naast de hoofdredacteur ook nog een ombudsman, of omgekeerd. Wordt een krant objectiever door zelfkritiek op de eigen werking en journalistiek, publiek te maken in een daartoe voorziene column? Het doet wat denken aan de woordvoerder van een bedrijf die zijn mening aan de directie mag komen geven in een functioneringsgesprek: allerlei mechanismen van zelfcorrectie en -disciplinering hollen het kritisch vermogen onvermijdelijk van binnenuit uit. Maar ondanks die bedenkingen zullen de voordelen zeker opwegen tegen de nadelen, afhankelijk van de integriteit van de persoon die de rol van ombudsman opneemt.

Veredelde gossip

Anders is het gesteld met de TV-fluisteraar. Met de komst van dergelijke formats schuift wat beargumenteerde en onafhankelijke mediakritiek zou kunnen zijn, uit in veredelde gossip en vluchtig vermaak.

Na enkele afleveringen weet de lezer waar hij of zij aan toe is: creatief gemijmer en gevloek vanuit de sofa. We lezen bijvoorbeeld belerende opstellen over welke programma’s men beter wel zou maken (Vijf ideeën voor Canvas, DS 25 mei). Bedankt voor de tips, maar waarom lezen we het in de krant? Stuur zoiets per email naar de collega’s van de televisie.

De journalist in kwestie, met de afstandbediening in de hand, neemt zijn column ook als een vrijgeleide om zich onder het mom van joligheid in machtsspelletjes te verliezen. Het VTM-programma ‘Cijfers liegen niet’ werd bijvoorbeeld gekraakt omdat de inhoud ervan de TV-fluisteraar tegenstond. Dat gebeurde door in onverbloemde uitlachstijl de geloofwaardigheid van Franscesa Vanthielen als onderwerp te nemen (Een alternatieve G1000, DS 24 april). Maar verloren is Vanthielen nog niet, lezen we. Als ze na Sterren op de dansvloer een ernstig programma wil presenteren, kan ze beter eerst een paar jaar achter de schermen gaan werken om wat ervaring op te doen. Dat is de publieke schandpaal, bij gebrek aan argumentatie. Tot daar de macht van de media, die nu blijkbaar ook graag de onderwerpen en formats van collega’s wil controleren door ze te ridiculiseren.

Avaaz.org

Gisteren trakteerde DS zijn lezers dus op een nieuwe aflevering TV-gepsychologiseer. We worden ingewijd via een amateuristische fenomenologie van de nieuwsanker: “De Vilder is een lijntje coke, Wauters is een stevige joint.” Ten minste, volgens het subjectieve smaakoordeel van onze TV-fluisteraar. Deze keer is het niet VTM maar de VRT die wordt uitgefloten. Over onpartijdigheid wordt al eens nagedacht. We blijven objectief, toch?

Waar mediakritiek omslaat in populisme blijft de mening op zijn smalst over. De persoonlijke voorkeur wordt vrijblijvend verkondigd met het oog op een vermakelijke schertspartij en volkse bijval.

Als er iets is dat de lezer uit deze appreciatie van een krantenjournalist over het voorkomen van zijn collega’s op televisie leert, dan is het hoe snel mediakritiek omslaat in populisme. Wat overblijft, is de mening op zijn smalst. De persoonlijke voorkeur wordt vrijblijvend verkondigd met het oog op een vermakelijke schertspartij en volkse bijval. “Ik heb daar eigenlijk geen slimme, rationele verklaring voor. Het is domweg een kwestie van gevoel. Van het VRT-journaal word ik zenuwachtig. Van het VTM-nieuws word ik kalm. En dat heeft helemaal niets met de inhoud te maken.” Dat laatste klopt helaas: over de inhoud en de kwaliteit van het TV nieuws wordt niets gezegd. Misschien zijn we dan toch nog beter af met kookprogramma’s?

Terwijl ik dit schrijf, komt er een mail van avaaz.org binnen. U weet wel, het activistisch mailinitiatief dat clicktivisme heet. Een oproep: Old media is collapsing, with major newspapers going bankrupt and those left standing too often beholden to big corporate owners and advertisers. The resulting “news,” when not skewed to suit the interests of a few, is often superficial and disempowering – take back our media!

Ik click met plezier even mee.

Auteur: Robrecht Vanderbeeken

Robrecht Vanderbeeken is filosoof, auteur van ‘Buy Buy Art. De vermarkting van kunst en cultuur’ (2015, EPO) en algemeen secretaris van ACOD Cultuur.

Word lid

Word jij lid van Apache? Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu al vanaf 6,25 euro per maand.


Ja, ik word lid