Surrealisme in de regering in lopende zaken

9

Sinds de paasperiode van 2010 kent België een federale regering in lopende zaken. Indien het staatshoofd het ontslag van een regering aanvaardt, dan belast hij de uittredende bewindsploeg immers met de zogenaamde ‘lopende zaken’. Maar dit is nergens wettelijk geregeld, waardoor het onder te brengen valt onder de noemer van de politieke gewoonten.

Financiënminister Didier Reynders en premier Yves Leterme in een plenaire vergadering van de Senaat. De regering in lopende zaken neemt steeds meer echte beslissingen, vindt prof Matthijs. (Foto Danny Gys - Reporters)

Financiënminister Didier Reynders en premier Yves Leterme in een plenaire vergadering van de Senaat. De regering in lopende zaken neemt steeds meer echte beslissingen, vindt prof Matthijs. (Foto Danny Gys - Reporters)

Tot de lopende zaken behoren het dagdagelijks bestuur van het land, de dringende zaken en het nemen van beslissingen in zaken die reeds waren ingezet voor het ontslag. In theorie houdt dit in dat de beleidsopties met een zodanig politiek belang, die enkel kunnen worden genomen door een regering in functie gebaseerd op een parlementaire meerderheid, moeten worden uitgesteld. Maar sinds juli 2010 kennen we een volwaardig Parlement. Doch de regering is nog steeds in lopende zaken.

Voordeel

Een regering in lopende zaken is op budgettair vlak zeker geen probleem omdat er meestal gewerkt wordt met voorlopige kredieten, zodoende kan er geen ontsporing plaatsvinden van de openbare financiën. Maar deze regering is wel begonnen met het opstellen van een begroting 2011 en dat druist in tegen alle tradities uit het verleden met betrekking tot de lopende zaken. Deze begrotingsopmaak kan genieten van de betere economische situatie en bevat geen structurele maatregelen, doch vele oude gekenden: meer geld van de banken en de elektriciteitssector, besparingen in het openbaar ambt, meevallers in de sociale sector. Het resultaat is dat het begrotingstekort zakt naar min 3,6% van het BBP en dat is een verbetering in vergelijking met 2010 (-4,6%).

Het argument van deze regering in lopende zaken is dat de begroting 2011 moet opgemaakt worden van Europa. Maar nieuwe lasten of structurele besparingen zijn achterwege gebleven, want dan geldt de stelling dat een regering in lopende zaken dat niet kan. In feite wordt het argument lopende zaken nu à la carte gebruikt door de uittredende regering en hetzelfde geldt voor ‘we moeten van Europa’.

Duitse groei

In ieder geval in het jaar 2012 mag het interfederaal begrotingstekort niet hoger liggen dan min drie procent van het BBP. Om dat doel te behalen zullen er binnen enkele maanden wel ingrijpende maatregelen nodig zijn, want de Duitse groei zal niet volstaan om de drie procent norm te halen. Deze regering in lopende zaken geniet van de fors verbeterde toestand: meer opbrengsten uit de taksen en de banken, meer groei, meer werkgelegenheid, minder werkloosheidsuitkeringen.

Herman Matthijs:
‘De vijf partijen die in de grootste ruzie uit elkander zijn gegaan in de paasperiode 2010 besturen nu het land in eerder echte zaken dan voorlopige zaken’

Dat deze regering al meer doet dan de traditionele theorie der lopende zaken konden we ook lezen in het staatsblad van 4 maart 2011. Inderdaad de regering benoemt de leiding van de Nationale Bank van Belgie. Het argument is hier de dringendheid en de Europese eis dat de lidstaten in orde moeten zijn met het zogenaamde ‘twin peaks ‘ model. De zes traditionele partijen komen aan bod in deze benoemingsronde en de grootste politieke formatie van het land, in casu de N-VA, wordt er buiten gehouden. Is dit de deuropening om de honderden wachtende benoemingen in de federale administratie en bij de overheidsbedrijven ook te gaan invullen?

Surrealistisch

De huidige toestand is politiek nogal surrealistisch. Inderdaad de vijf partijen die in de grootste ruzie uit elkander zijn gegaan in de paasperiode 2010 besturen nu het land in eerder echte zaken dan voorlopige zaken. Voor de Open VLD is dat een heel ander uitzicht dan tijdens de kerstperiode, de MR is er opnieuw echt bij, de PS heeft zijn status quo, het CD&V heeft de premier en vier ministers en twee staatssecretarissen, en het cDH is altijd al oververtegenwoordigd geweest.

De vier andere partijen in het regeringsoverleg staan er naast en de vraag is hoe lang een dergelijke situatie nog houdbaar is in deze groep van negen? Bovendien zijn er weinig partijen, die op basis van de laatste peilingen, nieuwe verkiezingen willen. Daarnaast moet er op gewezen worden dat elke dag oktober 2012 naderbij komt. Wie gaat voor de zomer van 2011 nog de forcing doordrijven voor een nieuwe federale regering? Na de zomer 2011 begint al de desbetreffende campagne.

Nooit gezien

Dit land is al eens meer innoverend geweest met institutionele hoogstandjes en de evolutie van de lopende zaken passen daar zeker in. Die regering is al veel meer en zal te pas en te onpas op basis van de dringendheid en de zogenaamde ‘wil van Europa’ beslissingen nemen al dan niet met een parlementaire ruggesteun. Het politiek federaal bestuur zal besturen op basis van een institutionele status quo en à la carte meerderheden zoeken in het Parlement. De belangrijkste uitdaging wordt de drie procent begrotingsnorm in 2012 en als dat wordt behaald dan is het afwachten tot de lokale verkiezingen van oktober 2012.

De groenen kunnen deze situatie niet echt doorbreken, de SP.A moet het hebben van de Waalse zusterpartij doch de PS blijft gewoon in de uittredende coalitie zitten en de N-VA kan enkel proberen om de VLD en het CD&V onder druk te zetten. Ten aanzien van dit laatste zijn de lokale kartels een belangrijk wapen in handen van de grootste partij.

Auteur: Herman Matthijs

Professor aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB).

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid