Met geen stokken buiten te krijgen

28 februari 2011 Peter Casteels
Van Groen! ontstaat steeds nadrukkelijker het beeld van een partij die zich vastgelijmd heeft aan de onderhandelingstafel. (Foto Jan Van de Vel - Reporters)
(Foto Jan Van de Vel - Reporters)
Van Groen! ontstaat steeds nadrukkelijker het beeld van een partij die zich vastgelijmd heeft aan de onderhandelingstafel. (Foto Jan Van de Vel - Reporters)
Van Groen! ontstaat steeds nadrukkelijker het beeld van een partij die zich vastgelijmd heeft aan de onderhandelingstafel. (Foto Jan Van de Vel - Reporters)

Deze zomer werd in Nederland een tijdje onderhandeld over een kabinet dat Paars plus zou gaan heten. Liberalen en sociaaldemocraten, aangevuld met D66 en GroenLinks. Alexander Pechtold en Femke Halsema waren geobsedeerd door die onderhandelingen, en voerden eigenlijk meer campagne voor dat kabinet dan voor hun eigen partij. Halsema noemde GroenLinks machtszoekend, en het was voor haar een hele klap toen duidelijk werd dat zo een progressief kabinet er nooit zou komen. Weer vier jaar oppositie voeren. Het was waarschijnlijk de hoofdreden waarom ze eind vorig jaar afscheid nam van Den Haag.

Femke Halsema had zichzelf als opdracht gesteld haar partij in het centrum van de macht te brengen. Ze kleurde het programma daarvoor veel liberaler in dan andere leden zouden doen, maar wilde GroenLinks ook graag een imago van verantwoordelijkheid geven. Daarvan moest die regeringsdeelname het sluitstuk worden. GroenLinks als partij die het landsbelang vooropstelt, en in tegenstelling tot andere traditionele oppositiepartijen als de SP durft springen en compromissen sluiten.

De parallellen met Groen! mogen naderhand duidelijk zijn. In de lente van 2010 onderhandelde die partij mee over een mogelijke splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde. Ze zat weliswaar niet in de regering waarbinnen dit akkoord tot stand moest komen, het thema lag de partij ook niet bijzonder na aan het hart en alle vorige besprekingen van de jaren daarvoor waren een maat voor niets gebleken (daarom zat sp.a niet mee aan tafel), maar Wouter Van Besien was er toch maar mooi bij. De inhoudelijke bijdrage van de partij was waarschijnlijk nihil, de andere voorzitters moesten maar zeggen waar Van Besien zijn verantwoordelijkheden kon komen opnemen.

Alexander De Croo was er helaas met zijn gedachten niet bij, en de onderhandelingen liepen uit op vervroegde verkiezingen. Groen! boekte een bescheiden succes, en was vastbesloten om op de ingeslagen weg verder te gaan. Dat kwam goed uit voor Bart De Wever en Elio Di Rupo, want zij hadden de groenen nodig om zonder liberalen een staatshervorming gestemd te krijgen. Zo belandde Van Besien en zijn secondanten in het centrum van de macht. Voor een weekendje Vollezele hadden ze geen uitnodiging gekregen, maar bij alle andere samenkomsten waren ze van de partij.

Nooit werd duidelijk of Groen! ook in de regering zou raken. Wouter Van Besien zette hoog in met de eis voor een vicepremier en een staatssecretaris, maar vermoedelijk had hij nog niet al te veel tijd besteed aan het bedenken van geschikte kandidaten. Dit vraagstuk was ook niet erg dringend, want het weinige waar de partijen het eens over waren was dat er eerst een communautair compromis moest worden bereikt alvorens de meer gebruikelijke regeringsonderwerpen aan te snijden. Hoe dan ook, het werd allemaal niets.

Ondertussen is de toestand uiterst troebel, maar gewijzigd is hij alleszins. Didier Reynders heeft een deur weten te forceren en is binnengeraakt. In enigszins verdeelde slagorde bracht hij ook de Vlaamse liberalen mee. Dat bracht de tussenstand van het aantal deelnemende partijen op vier aan de Waalse kant (de eenzaat van de Parti Populaire als enige oppositie) en vijf aan Vlaamse zijde. Het moet daar wel bijzonder gezellig zijn om zoveel geïnteresseerden te trekken. “Hoe meer zielen, hoe meer vreugd”, zei Caroline Gennez er wel eens over.

Wouter Van Besien doet graag uitschijnen dat hij het land een dienst bewijst door op alle afspraken te verschijnen, maar ondertussen is de aanwezigheid van zijn partij uitgegroeid tot een deel van het probleem.

Maar de pret kon niet blijven duren. Bart De Wever is steeds een koele minnaar geweest van het linkse gelijk, en heeft al enkele bescheiden pogingen ondernomen om de partijen die daarop inzetten en op zijn taalrol staan, eruit te werken. Met sp.a zal hem dat nooit lukken omdat Elio Di Rupo op hen gesteld is, maar ook Groen! is nog geen millimeter bewogen. Wouter Van Besien is niet meer nodig voor een tweederde meerderheid, weinigen dragen zijn partij een warm hart toe, maar hij loopt nog steeds rond bij de onderhandelingen. Op zoek naar waar hij zijn dekselse verantwoordelijkheden kan opnemen.

'Wij vragen openheid. Als N-VA en Open VLD niet verder wil met ons, moeten ze dat durven zeggen', zei Van Besien deze week. Die hopeloze uitroep was totnogtoe het hoogtepunt in wat een steeds treurigere vertoning wordt. Een regering lijkt doorgaans, zeker aan het begin van de legislatuur, op een enthousiast project van verschillende partijen die elkaar hebben gevonden in een compromis met een wervende titel waar later meewarig om kan worden gelachen. De deelname van Groen! aan een volgende regering, schouder aan schouder met coalitiegenoten die het betreuren dat ze de partij als onkruid niet weg hebben kunnen krijgen, zal daar alvast in niets op lijken.

Bovendien lijkt hun aanwezigheid in de buurt van de onderhandelingstafel ook steeds meer nefaste gevolgen te hebben. Wouter Van Besien doet graag uitschijnen dat hij het land een dienst bewijst door op alle afspraken te verschijnen, maar ondertussen is de aanwezigheid van zijn partij uitgegroeid tot een deel van het probleem. Hoe constructief en sympathiek Groen! zich ook opstelt, ze zorgt voor wrevel en discussie bij andere deelnemers. De zoektocht van Van Besien naar zijn verantwoordelijkheden, doorkruist de moeizame weg naar een politiek akkoord.

Is het dat allemaal waard? Net als in Nederland is het Belgische bestel de afgelopen jaren geëvolueerd naar een samenzijn van politici die allemaal staan te popelen om deel te nemen aan de macht. Niet enkel de traditionele partijen, maar blijkbaar ook oppositiepartijen zijn in die logica mee gestapt. Er is een beeld ontstaan waar politici die genoegen nemen met een rol als volksvertegenwoordiger en verdediger van hun ideeëngoed, slecht uitkomen. Rudi Laermans heeft daar interessante dingen over geschreven.

Met die achtergrond is het begrijpelijk dat Groen! zich krampachtig vastklampt aan een uitnodiging die alweer van vorige zomer dateert. Wie abstractie maakt van de neurotische fascinatie voor regeringsverantwoordelijkheid, ziet een ander plaatje. Met negenen aan tafel, zullen de groenen waarschijnlijk enkel aan moleculair koken toekomen. Zoals het er nu naar uitziet, wordt het iets met klimaat en iets met politieke ethiek. Kruimels zonder smaak.

De inhoudelijke winst zal erg mager zijn, zodat het er op lijkt dat Groen! enkel geïnteresseerd is in dat imago van verantwoordelijkheid waar veel politici en kiezers op kicken. Daartegenover staat echter steeds nadrukkelijker het beeld van een partij die zich vastgelijmd heeft aan de onderhandelingstafel en met geen stokken buiten te krijgen is. Zelfs als het algemeen belang van het land – die termen bekken lekker, ik weet het – daar baat bij zou hebben. Het zou hem beter uitkomen als N-VA en open VLD hem de deur wezen, maar misschien moet Wouter Van Besien de eer maar aan zichzelf houden.

LEES OOK