Kermis

15 december 2010 Tom Lievens
Tom Lievens
Tom Lievens

Ze jagen mij geen schrik aan, maar ze doen mij huiveren. Nationalisten. Telkens keren dezelfde ingrediënten terug. Een goed zichtbare figuur die zijn achterban kan begeesteren om hun afkomst, ras en stukje land te verdedigen als ware het een fundamentalistische godsdienst.

In een nog een niet zover verleden leidde dat tot een enorme genocide. In de jaren negentig tot een kleine genocide – herinner u het voormalige joegoslavië.

Indien goed georkestreerd laten velen zich vandaag weer in de zak zetten door nationalistische leuzen en grootspraak. Tijdens de verkiezingscampagne alhier in Catalonië zag ik net iets te veel de nationale trots aangewakkerd worden. Dankzij mijn geliefde paraboolantenne en internet kan ik alles wat er in België gebeurt ook volgen. En zie, er zijn paralellen. Niet in de problematiek, die is heel verschillend, maar wel in de vorm.

Sterke zichtbare figuur, een gezamenlijke vijand die bevochten moet worden. Gelukkig verloopt dit vechten niet gewapend, maar via onderhandelingen, met de pers als propagandamachine. “De pers als propagandamachine?”, denkt u verwonderd.

In België schreeuwt Bart De Wever het van daken, soms omfloerst, soms zonder franje: de vijand is de Waal. Hier schreeuwt het ERC (Nationale Catalaanse partij) het van daken, nooit omfloerst: de vijand is de Spanjaard.

Ooit schreef ik in een column (Habemus gobernatio) dat de onderhandelingen achter gesloten deuren konden gebeuren. Deuren die gesloten bleven totdat er een akkoord bereikt werd. En daar blijf ik bij.

Nu kunnen Jan, Piet, Joris en Corneel dagelijks hun zegje doen en zo hun ego laten gelden. Nogmaals benadrukken hoe de gemeenschappelijke vijand zich alweer misdragen heeft en moet bevochten worden.

Er is geen vijand. Er is een medemens die andere klanken braakt bij het zich uitdrukken en dat leidt blijbaar tot misverstanden en verwijdering.

De politieke bereidheid is nihil. Het lijkt eerder een reuzenrad waarvan de stopknop stuk is en elk vanuit zijn eigen bakje de tegenpartij bekogelt met rotte tomaten. Nu en dan staat ieders bakje een keertje op het hoogste punt en kan hij de ander beter bekogelen. Een kermis.

Tom Lievens

LEES OOK