Een tussenstand in medialand


Hoofdredacteur van een (kwaliteits)medium: het is nooit een job voor het leven geweest, maar de laatste tijd gaat het toch wel een gang.  In goed een maand tijd werd de top van zowel De Standaard, De Morgen, Humo, Trends als de VRT herschikt. Steekvlamjournalistiek zet stilaan ook de kamers van de nieuwsfabriek zelf in lichterlaaie.

Door Tom CochezWie vrijdagochtend een kijkje nam op deredactie.be zag rechtsboven een stukje dat smeekte om een muisklik: “Blijft N-VA de grootste partij? Een peiling van de VRT en De Standaard om 17.30 uur”. En inderdaad, in de vooravond volgden spectaculaire resultaten.

Achterhaald

De peiling werd afgenomen tussen 20 september en 5 oktober. De vierde oktober, de dag waarop N-VA het land in rep en roer zette door de stekker uit de onderhandelingen te trekken, viel dus net binnen de periode waarin er gepeild werd. Triomfantelijk werd dat eraan toegevoegd. Als een ultiem bewijs dat de peiling rekening hield met de sinds 4 oktober compleet gewijzigde politieke situatie in ons land.

Op één van de zestien dagen van de peiling werd de ‘nieuwe situatie’ gemeten, de andere vijftien dagen de ‘oude situatie’. De conclusie zou moeten zijn: weg met die peiling. Helaas kost een peiling veel te veel geld om de resultaten zomaar weg te gooien. En vooral: ze genereert nog veel meer media-aandacht. Lezers en kijkers zullen de resultaten door de strot geramd krijgen. Achterhaald of niet.

Lekkere happen

Die puur commerciële reflex is exemplarisch voor de manier waarop mediabedrijven vandaag te werk gaan. Ze getuigt van een cynische minachting voor mediagebruikers, maar ook voor de journalistiek in het algemeen. Pagina’s vol schrijven over een peiling die geen steek houdt, beledigt niet alleen het intellect van lezers en kijkers, het keldert ook de geloofwaardigheid van dé media.

Toch is het meer dan ooit het adagium dat top-down wordt doorgedrukt: werp de lezer lekkere happen toe en laat zo de cijfers pieken. Hoofdredacties worden afgerekend op die lees- en kijkcijfers. Bijgevolg wordt alles in het werk gesteld om ze op te krikken. Door cd’s, boeken, wijn en kunstmappen mee te geven, maar vooral door kost te serveren die lekker weg hapt. Eén zaak wordt daarbij uit het oog verloren: de meeste mensen zetten met plezier af  en toe hun tanden in een hamburger, maar ze overleven zelden op een dieet van McDonald’s.

Onvergelijkbaar

Het gebrek aan respect voor lezers/kijkers en parallel het gebrek aan respect voor wat journalistiek zou moeten zijn, wordt stilaan het wezenskenmerk van mediabedrijven. Zo vreten de mediahuizen de fundamenten waarop ze zelf zijn gebouwd in snel tempo aan.

De herschikking van de hoofdredactie bij De Morgen afgelopen week vormt een treffende illustratie van de cynische denkkronkels. Algemeen hoofdredacteur Klaus Van  Isacker wordt buiten gegooid omdat de CIM-cijfers die het leesbereik van de krant meten, zwaar tegenvielen. Cijfers, nota bene, die compleet onvergelijkbaar zijn met cijfers uit het verleden, omdat een andere meetmethode werd gebruikt.

Heilige norm

Wil dat zeggen dat Klaus Van Isacker bij De Morgen maar beter op zijn plaats bleef zitten? Helemaal niet. De man die nu struikelt over verkeerde CIM-cijfers zou al veel eerder de deur moeten gewezen zijn op basis van een waslijst aan verkeerde structurele, inhoudelijke en journalistieke beslissingen. Manifeste en voor de goegemeente duidelijk zichtbare fouten die een fenomenale imagoschade hebben berokkend aan het merk De Morgen.

Toegegeven, een ex-journalist van die krant, die bovendien niet meteen in alle vriendschap opstapte, is een zeer subjectief observator, maar er blijven simpele vaststellingen. Een hoofdredacteur die de latere winnaar van de Libris Literatuurprijs ontslaat wegens “niet passend in de toekomstplannen” hanteert geen journalistieke maatstaven. Een hoofdredacteur die zijn chef opinie ontslaat wegens “niet passend in de toekomstplannen”’ en die even later ziet opduiken als chef weekend van De Standaard heeft geen journalistieke maatstaven gehanteerd. Iemand die ruim de helft van zijn politieke redactie ziet opstappen uit onvrede met het gebrek aan journalistieke maatstaven, is niet echt goed bezig. Zo kunnen we nog even doorgaan. Punt is dat er al heel lang, heel veel goede redenen waren om Klaus Van Isacker te bedanken voor bewezen diensten maar dat (verkeerde) CIM-cijfers voor de persbazen van deze wereld blijkbaar de enige, heilige norm zijn.

Commerciële prestaties

Het verhaal van De Morgen is geen alleenstaand verhaal. De selectieve blindheid voor journalistiek-inhoudelijke argumenten en het daaruit voortspruitende gebrek aan visie op lange termijn loopt parallel met de teloorgang van de onafhankelijkheid van redacties.

Hoofdredacteurs die het als eerste taak zien hun redactie in alle onafhankelijkheid journalistiek werk te laten verrichten zijn witte raven geworden. Steeds vaker zijn het cynische uitvoerende krachten die op vraag van bovenaf en in ruil voor een smak geld de muur tussen commercie en redactie slopen en bijgevolg ook louter op hun commerciële prestaties worden afgerekend.

Uitschuiver

Zelden of nooit komt de essentie in beeld: hoe commercieel kunnen en mogen mediabedrijven zijn?

Je zou kunnen zeggen: mediabedrijven zijn niet de enige bedrijven die opteren voor korte-termijnwinst. Waarom zouden ze een andere logica moeten hanteren dan andere bedrijfstakken? Het  antwoord is simpel: omdat ze een bijzonder product aanbieden. Een product met een belangrijke democratische functie waarop diezelfde mediabedrijven, als het hen uitkomt, maar al te graag alluderen.

Het debat over de rol van de media loopt al een tijdje met horten en stoten. Steevast zijn het kleine opstootjes die samenhangen met een of andere uitschuiver: het onderzoek van Woestijnvis, een poppoll in een krant over de schuldvraag in de parachutemoord,… De nieuwe ombudsman bij De Standaard is een interessant project, maar het blijft casuïstiek. Zelden of nooit komt de essentie in beeld: hoe commercieel kunnen en mogen mediabedrijven zijn?

Belastinggeld

Commentatoren schrijven met recht en reden edito’s vol over de luchtbel van L&H, over de kaartenhuisconstructie die aan de basis lag van de kredietcrisis. Over politici die het allemaal niet hebben zien aankomen en niet bij machte waren om hun kiezers te beschermen tegen de uitwassen van de hypercommercie.

Die oefening gaat ook op voor de mediabedrijven zelf. Ook de medialuchtbel begint aardige proporties aan te nemen. Misschien wordt het tijd dat de politiek de 350 miljoen euro belastinggeld die ze jaarlijks in de portefeuille van de grote mediabedrijven laat verdwijnen ‘om de persvrijheid te waarborgen’ in de weegschaal durft te leggen. Afgaand op de vertrouwensbarometer, die de media onderaan op het lijstje plaatst, zou het kiespubliek daar wel eens bijzonder gevoelig voor kunnen zijn.


Over dit artikel

BronApache [https://www.apache.be]
TitelEen tussenstand in medialand
Auteur(s)Tom Cochez
Permalinkhttps://www.apache.be/?p=9066
Gepubliceerd 11 oktober 2010 @ 14:39. Met update op 14 november 2010 @ 16:45
Opgevraagd19 juni 2019 @ 16:41
Klik hier om te printen