‘La Libre Belgique’ goochelt met cijfers over BHV

7

De Franstalige krant La Libre Belgique bestelde eind vorig jaar een peiling over de politieke actualiteit in België. De krant kopte toen met de oninteresse van de Belgen in het dossier Brussel-Halle-Vilvoorde. De Werktitel bekeek de cijfers van de peiling nauwkeuriger en stelt vast dat La Libre wel heel creatief en selectief interpreteerde.

Door Ben De Kock

La Libre Belgique

De bewuste cover van 'La Libre Belgique'.

Op 28 december 2009 publiceerde La Libre Belgique op haar website het artikel ‘Bruxelles-Hal-Vilvorde, rien à cirer…‘. In de krant staat wat meer cijfermatige informatie, maar de teneur is dezelfde. Ons onderzoek vertrekt weliswaar vanuit de online berichtgeving. La Libre vatte bondig de gevoerde peiling samen. Als belangrijkste conclusies worden in het artikel opgesomd:

  • Het communautaire vormt geen prioriteit (meer) voor de bevolking en
  • Yves Leterme geniet niet het vertrouwen van de meerderheid van het volk.

Representativiteit

Het eerste pijnpunt van deze ‘sondage’ is de omschrijving van de bevolking. In het online artikel wordt nergens vermeld hoeveel mensen bevraagd werden, noch op basis van welke criteria het panel uitgekozen werd. Er rijzen dus heel wat vragen over de representativiteit van die studie. Welk percentage van de bevraagde personen zijn mannen, welk percentage zijn vrouwen? Uit welke leeftijdscategorieën komen de respondenten? Zijn alle opleidingsniveaus goed vertegenwoordigd? Welke foutenmarge wordt toegepast? Hoe hoog is de non-respons? Hoe werden deze mensen bevraagd: online, telefonisch, op straat?

Ook de vraagstelling kan een invloed uitoefenen op de resultaten. Werd de respondenten gevraagd om te antwoorden op ‘ja-neen’-vragen of op een vijfpuntenschaal gaande van ‘helemaal oneens-oneens’ over ‘neutraal’ tot ‘eens’ en ‘helemaal eens’? Ook hierover is geen informatie terug te vinden in het artikel, noch welk bureau dit onderzoek heeft uitgevoerd.

Verrassing

Los van die tekortkomingen zijn er nog een aantal bedenkingen te maken over dit artikel. Eén van de vragen luidt ‘Que pensez-vous du dossier Bruxelles-Hal-Vilvoorde?’ Het antwoord hierop is volgens de auteur dé verrassing van de enquête: nauwelijks 35 procent van de Vlamingen beoordeelt de splitsing van BHV als prioritair; 40 procent beschouwt het als ‘secondaire’. Wat ‘secondaire’ precies inhoudt, wordt niet uitgelegd.

Het is op zijn minst merkwaardig om percentage vóór bij Vlamingen te vergelijken met percentages tégen splitsing bij Walen en Brusselaars.

‘Secondaire’ in de zin van ‘verwaarloosbaar’ of in de betekenis van ‘het komt op de tweede plaats vóór andere zaken zoals economie, tewerkstelling et cetera’? Als de tweede interpretatie wordt toegepast, komen we toch aan een totaal van 75 procent van Vlamingen die vinden dat het dossier opgelost moet worden. Een conclusie die haaks staat op de titel ‘Bruxelles-Hal-Vilvoorde: rien à cirer…’, vrij vertaald als ‘BHV: ik lig er niet wakker van’.

Opmerkelijke verschillen

Daarnaast stellen we vast dat het rekensommetje niet klopt: 35 procent van de Vlamingen vindt het dossier prioritair, 40 procent van de Vlaamse respondenten beschouwt BHV als ‘secondaire’ en 26 procent vindt het sans intérêt. Dat geeft een totaal van 101 procent. Een detail, maar kenschetsend voor dit artikel.

Vervolgens wordt de vraag gesteld: ‘Moet BHV gesplitst worden?’ Daarbij is er volgens de auteur een différence marquée tussen de antwoorden van beide gemeenschappen. Een grote meerderheid van de Vlamingen (58 procent) zou zich uitspreken voor een splitsing (met of zonder voorwaarden). De Walen en Brusselaars zouden zich respectievelijk met 45 procent en 42 procent van de ondervraagden uitspreken tegen een splitsing van het arrondissement.

Het is op zijn minst merkwaardig om het percentage vóór bij de Vlamingen te vergelijken met de percentages tégen een splitsing bij de Walen en de Brusselaars. Nu, als respectievelijk 45 procent en 42 procent tegen een splitsing is, kunnen we er dan van uitgaan dat 55 procent van de Walen en 58 procent van de Brusselaars voor een splitsing is? Waar zitten dan de opmerkelijke verschillen tussen de gemeenschappen? Of heeft een groot deel van de Franstalige respondenten op die vraag ‘sans intérêt’ geantwoord?

Ook is het verschil tussen tussen beide vragen niet helemaal duidelijk. In de eerste vraag wordt gepeild naar de mening over het ‘dossier van de splitsing van het arrondissement BHV’, in de tweede vraag polst men naar de wenselijkheid van de splitsing van BHV. Where’s the difference?

Fout

Op dezelfde 28ste december verschenen op de websites van verschillende Vlaamse media artikels gebaseerd op dezelfde enquête. Titels zoals ‘Ruim één Vlaming op vier vindt BHV prioritair‘ (De Morgen & Het Laatste Nieuws), ‘Minder dan één Vlaming op de drie vindt BHV prioritair‘ (De Standaard en Het Nieuwsblad) of ‘BHV prioritair voor 28 procent Vlamingen‘ (deredactie.be) baseren zich duidelijk op een ander cijfer dan het artikel in La Libre Belgique. Terwijl die laatste meldt dat “à peine 35 % des Flamands jugent le dossier de la scission de l’arrondissement bilingue de BHV ‘prioritaire'” is dat in de Nederlandstalige media slechts 28 procent. Als bronvermelding wordt bij de Nederlandstalige pers het persagentschap Belga vernoemd. Is het een fout van Belga, van de Nederlandstalige media of moeten we de fout bij La Libre Belgique gaan zoeken?

Aangezien de peiling in opdracht van La Libre Belgique gebeurde, lijkt het aannemelijk dat de krant die het dichtst bij de bron zit de cijfers correct weergeeft. Navraag bij Ipsos leert echter dat dat niet het geval is:

Bonjour,

Merci de votre intérêt pour notre sondage. Permettez-moi de vous répondre en français.

Les chiffres corrects sont les suivants:

28% des Flamands trouvent le dossier BHV prioritaire.

Uit die analyse blijkt dat de krant die de peiling besteld had er niet in geslaagd is de cijfers correct te interpreteren en weer te geven. Ook op de vraag ‘Moet BHV gesplitst worden?’, brengt navraag bij Ipsos duidelijkheid.

Les réponses à cette deuxième question sont les suivantes:

Is de splitsing van het arrondissement BHV voor u wenselijk?

Flandre Wallonie Bruxelles
% n=750 n=750 n=500
Ja, zonder voorwaarden 36 3 7
Ja, maar onder bepaalde voorwaarden 22 32 38
Neen 24 45 42
Weet het niet 18 20 12

Hieruit blijkt dat slechts 24 procent van de Vlamingen tegen een splitsing van het arrondissement is, tegenover 45 procent van de Walen en 42 procent van de Brusselaars. Dat zijn duidelijke, vergelijkbare resultaten. Hier wordt ook het onderscheid duidelijk tussen de groep respondenten die de splitsing wenselijk acht zonder voorwaarden en de groep die wil splitsen onder bepaalde voorwaarden. Een belangrijke nuance in deze complexe materie, waaraan volledig voorbij wordt gegaan in het artikel op de website van La Libre Belgique.

In het voordeel van de Nederlandstalige media spreekt het feit dat het onderzoeksbureau (Ipsos) en de steekproefpopulatie van de enquête (2.000 mensen) vermeld worden alsook de foutenmarge. Ook wordt de nuance gemaakt tussen het aantal respondenten dat ‘onverwijld’ wil splitsen en het aantal respondenten dat voorrang geeft aan een onderhandelde oplossing.

Flinke korrel zout

‘La Libre Belgique’ lijkt de burgers eerder te desinformeren dan ze te helpen een eigen oordeel te vormen

Inzage in de papieren versie van La Libre Belgique leert dat voor deze poll inderdaad 2.000 respondenten (750 in Wallonië, 750 in Vlaanderen en 500 in Brussel) online bevraagd werden door Ipsos. De foutenmarge bedraagt 3,6 procent in Vlaanderen en Wallonië. In het Franstalige deel van Brussel is dat 4,9 procent, in het Nederlandstalige deel 9,8 procent. De resultaten voor de Brusselse respondenten worden dus het best met een flinke korrel zout genomen.

Verdere navraag wijst uit dat de resultaten van de Nederlandstalige Brusselaars gebaseerd zijn op slechts 100 respondenten. Is een groep van 100 personen representatief voor de Nederlandstalige Brusselse bevolking? Ipsos geeft zelf het antwoord:

Effectivement l’échantillon bruxellois néerlandophone n’est pas grand: 100 personnes. Les résultats sont néanmoins indicatifs à défaut d’être utilisables.

Er worden geen conclusies getrokken op basis van de groep Nederlandstalige Brusselaars, maar enkel op het niveau van de volledige groep Brusselaars (Nederlandstalig en Franstalig). Toch is het duidelijk dat deze resultaten weinig- tot nietszeggend zijn.

Onbekwaam

“Wat informatie lijkt of pretendeert te zijn, maakt de burger alleen onbekwaam om te oordelen”, schreef Arnon Grunberg in De Standaard van 5 december. Dat lijkt specifiek het geval te zijn voor heel wat onbetrouwbare ‘opiniepeilingen’ en ‘polls’.

Aangezien we bovenstaande enquête niet volledig konden inzien, is het moeilijk te oordelen in hoeverre deze poll methodologisch verantwoord is. Maar de manier waarop de resultaten in het artikel van La Libre Belgique geïnterpreteerd werden, lijkt de burgers eerder te desinformeren dan dat zij effectief helpt om een eigen oordeel te vormen.

Auteur: Ben De Kock

De biografie van deze auteur is niet beschikbaar.

Word lid

Lees direct verder en steun onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Nu nog aan 6,66 euro per maand.


Ja, ik word lid