Journalisten met een scherpe pen en een weerbarstig karakter schrijven over wat er echt toe doet. Nieuws, analyse, opinie en satire. Kritisch en ongebonden. Omdat het nodig is.

De koloniale sehnsucht van Peter Verlinden

VRT-journalist Peter Verlinden heeft een roeping: oud-koloniale kringen een stem geven. De conclusies van Verlinden zijn onuitgesproken, maar doorgaans glashelder: de Congolese leiders hebben de onafhankelijkheid afgedwongen zonder dat de bevolking er rijp voor was en de premature onafhankelijkheid veroorzaakte een catastrofe die tot vandaag duurt. Dat schrijft socioloog Ludo De Witte in een opiniestuk voor De Werktitel. De Witte is Congo-expert en schrijft momenteel zijn derde boek over de oude Belgische kolonie.

Door Ludo De Witte, socioloog en auteur

Socioloog Ludo De Witte.

Socioloog Ludo De Witte.

De boeken van Verlinden, uitgegeven bij het Davidsfonds, soigneren het getormenteerde geheugen van onze oud-kolonialen. Ze krijgen daarin een vrije tribune, niet gehinderd door correcties, aanvullingen of duiding vanwege de auteur. In een van die interviewboeken, Weg uit Congo (2002), vertellen ze over hun exodus uit Congo in 1960, kort na de onafhankelijkheid van de Belgische kolonie. Weg uit Congo ondersteunde in die dagen een campagne van oud-kolonialen om de Lumumbacommissie van het parlement te discrediteren als een poging om een man te rehabiliteren die de oud-kolonialen enorme schade had berokkend.

Eenzijdige visie

Verlinden laat essentiële zaken in dat boek onvermeld: dat de gewelddaden van een klein groepje Congolese soldaten tegen blanken door premier Lumumba werd bestreden en dat hij de rust in het leger wist te herstellen; dat de Belgische militaire interventie die nadien op gang kwam wraakacties uitlokte die onnoemelijk veel meer leed onder blanken hebben veroorzaakt; dat Belgische militairen van het ‘Katangese’ leger onder de nationalistische bevolking van Noord-Katanga enorme slachtingen aanrichtten die in een VN-rapport worden beschreven als “het ontvolken van de gehele regio waar de Baluba wonen, door het gebruik van een verpletterende kracht en meer in het bijzonder door het platbranden van dorpen, het uitschakelen van elke oppositie en elk verzet, en door het terroriseren van de bevolking”.

Als onze informatie klopt, plant de VRT één originele historische documentaire naar aanleiding van Congo 1960-2010, de sliert herdenkingsreportages van de VRT over de 50ste verjaardag van de onafhankelijkheid van Congo: een reportage van Verlinden over, inderdaad, de exodus van kolonialen na de onafhankelijkheid van het land.

Vrijdagavond (29 januari 2010) gaf Verlinden in het tv-journaal op Eén de aftrap van een reeks korte reportages over de gebeurtenissen van vijftig jaar geleden. Zijn bijdrage duurt minder dan 3 minuten, maar dat volstaat ruimschoots voor de maker om zijn eenzijdige visie op de gebeurtenissen te etaleren. Het item gaat over de rondetafelconferentie van januari-februari 1960, een bijeenkomst in Brussel waar de Belgische regering en Congolese leiders en notabelen afspraken om Congo snel de onafhankelijkheid te verlenen: minder dan een half jaar later, op 30 juni 1960.

Onbesuisde Congolezen

De reportage is geen uitschuiver van Verlinden. De neokoloniale kijk van de journalist bewasemt zijn hele carrière.

De journalist heft van bij het begin het vingertje over deze toegeving, afgedwongen “na amper één week vergaderen” door onbesuisde Congelezen: “Vijftig jaar later blijven veel Congolezen nog altijd verontwaardigd over de houding van hun leiders van toen.” Terwijl de pro-Belgische Moïse Tshombe in beeld komt, spreekt Verlinden over zijn achterban: “een kleinere partij [dan die van Kasa Vubu en Lumumba], die liever wat langer met de Belgen had samengewerkt”.

Ten slotte komt een Congolees aan het woord die in de Congolese delegatie op de conferentie zat, ene Pierre Mosange. Om zijn woorden enig gewicht te geven wordt hij opgevoerd als “een hoge ambtenaar” van toen, hoewel er toen helemaal geen zwarte hoge ambtenaren waren. Alle belangrijke posten waren immers voor blanken. (Mosange komt in het biografisch lexicon Qui sont les leaders Congolais? uit 1961 zelfs niet voor.) Volgens die man wisten de Congolezen niet wat onafhankelijkheid inhield: ze dachten dat ze dan niet meer zouden moeten werken, dat de benzine gratis zou worden, dat alles gewoon voor het grijpen zou liggen. Conclusie van Mosange: “Het ging allemaal veel te snel. Daar dragen wij nu de gevolgen van.”

Verlinden besluit: “Vijfitg jaar later blijft er in de cité, ook voor wie erbij was, alleen een bittere nasmaak van de beslissingen op de rondetafelconferentie.” Het beeld dat die woorden uitleidt, toont een glunderende Lumumba, erg tevreden over de nakende onafhankelijkheid, die belooft dat Congo en België nu echte vrienden zullen worden.

Dociel neokoloniaal bewind

De conclusies van Verlinden zijn onuitgesproken, maar doorgaans glashelder:

  • Congolese leiders hebben de onafhankelijkheid afgedwongen zonder dat de bevolking er rijp voor was.
  • De Belgische regering is, erg naïef, geplooid voor de Congolese leiders, “na amper één week vergaderen”.
  • De premature onafhankelijkheid veroorzaakte een catastrofe die tot vandaag duurt.
  • Vandaag zijn de Congolezen kwaad op de leiders van toen.
  • Lumumba lijkt een onbezonnen sujet en een gevaarlijke populist: hij beloofde de Belgen vriendschap, maar, zo is achteraf gebleken, maakte hen tot vijanden.
  • Had men maar geluisterd naar mannen als Tshombe, die het bedaarder wilden aanpakken!

Dit is wat Verlinden de kijker ontzegt, omdat het niet in zijn visie past:

  • de bevolking was plotseling en massaal in opstand gekomen om het koloniale juk af te gooien. Figuren als Lumumba en Kasa Vubu kanaliseerden en verwoordden enkel de volksgevoelens.
  • Die uitbarsting kwam er omdat de Belgen de zwarten elke politieke ontwikkeling hadden ontzegd, en was niet het resultaat van een diabolisch complot van de zwarte leiders.
  • De Belgische regering was niet naïef, maar berekend: Brussel gokte erop dat het de touwtjes in handen zou kunnen houden door het beheer van het land zo vlug mogelijk over te dragen aan onervaren en zwak georganiseerde Congolese politici. Een snelle machtsoverdracht moest de politiseringsperiode kort houden, want een escalatie en een radicalisering van de Congolese bevolking zou een dociel neokoloniaal bewind maar in de weg staan.
  • Tshombe was geen man “die liever wat langer met de Belgen had samengewerkt”, maar een marionet van kolonialen die een apartheidsregime in Katanga voor ogen hadden.
  • De ellende in de oud-kolonie anno 2010 heeft veel oorzaken. De belangrijkste uit die jaren is de ontwrichting van het land, veroorzaakt door de omverwerping van de eerste democratische regering van Congo en haar vervanging door een dictator, met behulp van omkoperij, chantage, sabotage, intimidatie, terreur en moorden. Die vijf jaar durende operatie was in handen van België, de VS, de VN-top en hun zwarte handlangers.

Materiële eigenbelangen

De reportage is geen uitschuiver van Verlinden. De neokoloniale kijk van de journalist bewasemt zijn hele carrière, van zijn Rwandaboek (1995) over zijn verslaggeving van de Lumumbacommissie (2000-2001) tot zijn werk vandaag. En dat kleurt de berichtgeving van de VRT.

Kijkend Vlaanderen verdient beter. De verslaggeving over Congo en Afrika hoort in handen te zijn van journalisten die afstand kunnen bewaren – van de oud-koloniale kringen die een verwrongen kijk op het verleden in stand willen houden en van de Congolese en Belgische elites die achter het diplomatieke decorum hun materiële eigenbelangen verdedigen.

Ludo De Witte is socioloog, auteur van Crisis in Kongo (1996), De moord op Lumumba (1999) en Wie is bang voor moslims? (2004). Werkt aan een boek over Congo in de jaren 1964-65: de volksopstanden, de Belgo-Amerikaanse interventie, de Ommegang en de repressie, de Congolese missie van Ernesto Che Guevara, de machtsgreep van Mobutu. Werktitel: Huurlingen, geheimagenten en diplomaten. Mobutu grijpt de macht.

Tags: , , , , , , , , ,

Waarom iets gratis lezen als je er ook voor betalen kunt?

12 Reacties

  1. Ik hoorde Ludo De Witte vorig weekend in Lille in een klein zaaltje van een organisatie van sans-papiers spreken over de moord op Patrice Lumumba. Impressionant. Geef die man in dit jaar van de verjaardag van de onafhankelijkheid van Congo zoveel mogelijk een tribune. He’s all we got tegen de sluimerende (en opflakkerende) koloniale mentaliteit in België.

  2. Een gerechtvaardigde reactie vanwege Ludo De Witte op een tendensieus verhaal van de
    gebeurtenissen in Congo anno 1960.
    Peter Verlinden geeft vrijmoedig lucht aan zijn eigen zienswijze over wat toen rond Congo beslist
    werd en waar het om ging in Congo zelf. Voor iemand als ik die er sinds de jaren ‘60 zo iets meer
    dan 20 jaar centraal Afrika op zitten heb, met als hoofdschotel Congo zelf, zou ik Peter Verlinden
    willen aanraden wat dieper te speuren, en ook eens de verdoken gedachtengang van de Belgische
    politici van die periode onder de loupe te nemen. Met wat zin voor objectiviteit zou hij ook mogelijk
    meer begrip kunnen opbrengen voor de frustraties waaraan de
    bevolking van de ex-kolonie al sinds decennia ten prooi was, en voor de houding en de
    mentaliteit van de toen in Congo verblijvende Belgen. Kan hij zich misschien inleven in de
    denkwijze en de gevoelens van die plaatselijke bevolking enerzijds ? en van de bevoordeelde
    kolonialen anderzijds, die weinig van hun voorrechten wilden verliezen of
    geen empathie konden opbrengen voor de verzuchtingen van de plaatselijke
    bevolking ? Alles had natuurlijk te maken met de voorstelling van de gang van zaken in Congo zelf
    en de daarbij voorgekauwde beeldvorming van het denken, het voelen en het zien door de
    Congolezen zelf..
    Yvo Verreydt.

  3. Lumumba heeft de oud-kolonialen heel wat schade berokkend. Inderdaad. Net zoals de geuzen bij ons “heel wat schade hebben berokkend” aan de Spaanse bezetters. Of net zoals het verzet gedurende de Tweede Wereldoorlog “heel wat schade heeft berokkend” aan de nazi’s. Want in verband met die kolonialen dringt zich eigenlijk maar één interessante vraag op: wat hadden die daar eigenlijk in Congo te zoeken?

  4. Dat de gemiddelde zwarte niet wist wat “de onafhankelijkheid” inhield is natuurlijk waar. Weleens dachten ze dat het om een “pakje” ging dat de Belgen zouden toesturen.

  5. Het is natuurlijk een zijspoor, maar de vergelijking met de geuzen en de Spaanse ‘bezetter’ helemaal niet terecht. De Nederlanden werden niet ‘bezet’, dat gebeurde pas de eerste keer echt onder Napoleon. Keizer Karel en Filips II waren de rechtmatige bestuurders van onze regio. Recent onderzoek heeft ook bewezen dat de geuzenopstand ook voor de eigen bevolking niet zo vredelievend was. Opletten geblazen dus, met zo’n historische vergelijkingen.

  6. Check maar es de banden van Peter Verlinden met de katholieke ngo Memosa (actief in Congo, voor de genocide ook in Rwanda), zetel in Parijs, maar vooral bij ons bekend als “Vlaamse” ngo (op veel reportages van Verlinden komt Memosa in beeld). Die ngo werd naar mijn weten opgericht door de Orde van Malta, die destijds de Kruistochten financierde. Nu, dat zegt genoeg. Voor mij is het heel terecht dat Peter Verlinden persona non grata is in Rwanda (hij maakt daarvan op tv: “er is geen persvrijheid in Rwanda”; amai!).
    Enz. Wij missen een Colette Braeckman, van Le Soir, die door haar neutraliteit en beroepsdeontologie met iedereen in Kinshasa en Kigali kan praten.

  7. Excuseer, het is de ngo Memisa (tikfout en niet nagelezen)!

  8. Colette Braeckman objectief, beste Eric Rosseel? Ernstig blijven. Haar laatste boek over de “tweede onafhankelijkheid van Congo” is één hagiografie van Joseph Kabila en één diatribe tegen Karel De Gucht. Helaas, in het debat over Congo is de common sense vaak ver te zoeken…

  9. Puik werk, Ludo! Hou nog even vol, zou ik zeggen. 50 jaar onafhankelijkheid is hét moment om voor enig tegengewicht te zorgen voor wat ook Reynebeau in DS ‘een erg discutabele visie op het verleden’ noemt.

  10. Een kleine toevoeging, specifiek voor de lezers van De Werktitel.

    -De analyse van Ludo de Witte over de opstand van de Openbare Weermacht en de gevolgen daarvan voor de koloniale gemeenschap staat haaks op de getuigenissen die op dat ogenblik en onder ede verzameld werden door de Onderzoekscommissie Congo 1960. In de aangevulde heruitgave van mijn boek ‘Weg uit Congo’ (Davidsfonds, 2009) ga ik daar in detail op in, met de feiten.
    -De informatie van LDW over de VRT-programmatie rond ‘Congo 1960-2010′ klopt niet: er komen wel degelijk historische documentaires, op Canvas.
    -LDW legt mij conclusies in de mond die niet de mijne zijn. Een journalist geeft het woorden aan getuigen maar is daarom nog niet zelf de getuige.

    Al de andere argumenten zijn terug te vinden in de Phara-uitzending en in de tekst voor DS, 8/2/2010.

    Beste groeten,

    Peter Verlinden

    [NOOT VAN DE REDACTIE: Peter Verlinden schreef een opiniestuk als antwoord op de kritiek van Ludo De Witte. Lees het hier.]

  11. Wanneer je de laatste drie jaar vóór de onafhankelijkheid niet alleen hebt gewoond en gewerkt tussen de Congolezen maar ook met hen kilometers te voet door bos en savanne bent getrokken , ’s nachts samen met hen onder de blote hemel hebt geslapen , samen chikwang gegeten , malafu gedronken en colanoten samen met de dorpschefs rond het kampvuur hebt gekraakt tijdens het urenlange palaberen , dan weet je niets van wat er op een Ronde Tafelconferentie in Brussel gebeurd maar wel beter dan gelijk welke socioloog wat er bij de bevolking omgaat. Ludo De Witte slaat de bal volledig mis als hij spreekt van een volksopstand. Als de onafhankelijkheid werd afgewongen dan was dat door de arrivisten zoals Kasavubu, Lumumba en zo meer. Ik ben recent nog terug gegaan en in Kinshasa, Matadi, en het binnenland van de Kwango dezelfde klok horen luiden als in Peter Verlinden’s reportage: wij hebben de onafhankelijkheid te vroeg gekregen en daarvan dragen we nu nog de gevolgen.

  12. Als onafhankelijkheid aan een kolonie verleend wordt/werd, is dat zo goed als altijd het gevolg van een zekere druk van onderuit (dat is van de gewone bevolking), of het nu om een effectieve radicalisering gaat of de vrees voor een radicalisering. Anders is er toch helemaal geen reden voor de kolonisator om onafhankelijkheid te verlenen? Een kolonisator heeft er geen belang bij dat hij z’n kolonie verliest, dus onafhankelijkheid is iets wat steeds afgedwongen wordt. Ik ben geen expert, maar ook de onafhankelijkheid van Congo moet in dat licht gezien worden, en daarom ben ik meer geneigd om akkoord te gaan met Ludo de Witte.