De achterkant van de zaak-De Tandt
Is de Brusselse zakenadvocaat Robert Peeters de reïncarnatie van Dr. No, de legendarische booswicht uit de James Bond-films? Beschikt Peeters over de macht én het geld om diverse magistraten van de Brusselse rechtbank om te kopen en naar zijn pijpen te laten dansen? Kadert dit alles in een duivels complot om vermogende bedrijfsleiders gedurende jaren systematisch af te persen? Wie de affaire-De Tandt de voorbije maanden in de media heeft gevolgd, moet die stelling haast wel geloven. Maar de perceptie klopt niet met de werkelijkheid, zo weet De Werktitel. Het lijkt er veeleer op dat vermogende bedrijfsleiders proberen te voorkomen dat het gerecht hen zwaar doet betalen voor fraude.
Door Georges Timmerman
Weinig bekend is dat een kleine kring van ondernemers, met de steun van hun advocaten en vrienden, onder wie een belangrijke politieman, al vele jaren hard hun best doen om bovenstaande versie van de feiten ingang te doen vinden. Ze doen dat niet omdat ze bezorgd zijn over de rechtsstaat of de goede werking van het gerecht. Ze doen dat voor hun eigen portefeuille.
De ondernemers in kwestie worden of werden door het gerecht immers verdacht van grootschalige fraude en ze stellen bijgevolg alles in het werk om te verhinderen dat ze veel geld zullen verliezen aan boetes en verbeurdverklaringen. Daarom ook hebben ze besloten om hun ‘kwelduivel’ Robert Peeters professioneel te neutraliseren en de vonnissen en arresten die ongunstig voor hen uitvielen in een verdacht daglicht te stellen en zo mogelijk te laten vernietigen. Als dat scenario lukt, kan de ‘affaire-De Tandt’ hen vele miljoenen euro’s opleveren.
Afpersing
Het verhaaltje over de ‘meester-chanteur’ Peeters circuleert al meer dan drie jaar. Uw dienaar vernam die theorie voor het eerst op 25 april 2006 uit de mond van Glenn Audenaert, gerechtelijk directeur van de federale politie in Brussel én auteur van de recente brief aan minister van Justitie Stefaan De Clerck (CD&V), waarvan de inhoud op 14 augustus uitlekte in De Tijd en waarmee de affaire-De Tandt aan het rollen ging. (‘Magistraten betrokken bij afpersing bedrijfsleiders’ en ‘Brussels gerecht in de ban van corruptie en chantage. Explosief dossier tegen topmagistraten’, De Tijd, 14 augustus 2009, enkel toegankelijk voor abonnees)
Audenaert maakt er geen geheim van dat hij goed bevriend is met de van fraude verdachte ondernemers, hoewel er gerechtelijke onderzoeken liepen tegen die bedrijfsleiders en er in sommige van die dossiers speurders van zijn eigen politiedienst meewerkten aan de strafonderzoeken.
Getrokken messen
Zo vertelde Audenaert in 2006 tijdens een nooit gepubliceerd interview, waarvan de inhoud hier voor het eerst bekend wordt gemaakt, hoe hij enkele jaren voordien was benaderd door Achilles Janssens, de toenmalige zaakvoerder en eigenaar van IJsboerke. Tijdens gesprekken, eerst in Knokke, daarna in de Brusselse zakenclub De Warande, vertelde Janssens aan Audenaert honderduit over zijn echtscheiding en gaf hij aan de politiechef zijn versie over de historie met IJsboerke.
Bij de Kempische roomijsfabrikant stonden destijds twee zonen van de overleden oprichter met getrokken messen tegenover elkaar. De oudste zoon, Roger Janssens, voelde zich bedrogen. Achilles had Roger slechts 2,75 miljoen euro (110 miljoen frank) betaald voor zijn aandelen, terwijl een andere broer voor een identiek pakket aandelen vier keer meer had gekregen. Zodra Achilles alle aandelen in zijn bezit had, verkocht hij IJsboerke aan topfinancier Albert Frère voor 40 miljoen euro (1,6 miljard frank).
Met de hulp van advocaat Robert Peeters had Roger bovendien een grootschalig fraudecircuit blootgelegd bij de roomijsfabrikant, waarvan de totale omvang werd geraamd op meer dan 25 miljoen euro (1 miljard frank). (Zie artikel ‘De Achilleshiel van IJsboerke’, De Morgen, 18 maart 2006.) Het strafrechtelijke luik van de fraude werd eind vorig jaar stopgezet, nadat beide broers zich weer met elkaar hadden verzoend.
Pain in the ass
Achilles gaf tijdens die eerste gesprekken met Audenaert ootmoedig toe dat hij een “belachelijk laag” bedrag had betaald aan zijn ex-echtgenote, “maar dat die hem dan ook gans zijn leven had bedrogen”. Ze had het bedrag eerst aanvaard, maar bleek plots toch niet meer akkoord. Ze had een advocaat onder de arm genomen, en kwam via-via terecht bij Robert Peeters.
Die bleek een verschrikkelijke pain in the ass, want de arme Achilles werd door Peeters bestookt met allerlei juridische procedures. De advocaat, zo vertelde Achilles, bedreigde hem met het uitbrengen van de fraude in zijn bedrijf als hij niet betaalde. Om zijn doel te bereiken gebruikte Peeters volgens Achilles alle mogelijke middelen, zoals “chantage, schriftvervalsing enzovoort”. Bovendien bleek Peeters, volgens de versie van Achilles, samen te werken met magistrate Francine De Tandt, destijds ondervoorzitter van de Brusselse handelsrechtbank, altijd dezelfde gerechtelijke expert die telkens weer werd aangeduid door De Tandt en raadsheer Paul Blondeel van het Brusselse hof van beroep. Klinkt dat verhaal bekend in de oren?
Financieel kluitje
Achilles deed nog meer, zo vertelde Audenaert destijds. De man van IJsboerke introduceerde ook zijn vriend François De Kelver, een steenrijke Leuvense groothandelaar in groenten, bij Audenaert. De Kelver zat namelijk met gelijkaardige problemen. Ook bij hem had het gerecht een belangrijk fraudecircuit ontdekt, goed voor meer dan 10 miljoen euro. (‘Groenteboer fraudeerde voor meer dan 10 miljoen (vijf frank per kilo)’, De Morgen, 27 september 2004) Ook hij had zijn ex-echtgenote met een financieel kluitje in het riet gestuurd. Net als de ex van Achilles had ook zij een beroep gedaan op advocaat Peeters. De Kelver deed tegenover Audenaert identiek hetzelfde verhaal over de ‘duivelse’ advocaat en beschuldigde Peeters eveneens van chantage en corruptie.
Zo waren er al twee bedrijfsleiders die beweerden dat ze gechanteerd werden door advocaat Peeters. Audenaert gaf beide opgejaagde bedrijfsleiders de raad om hun verklaringen op papier te zetten. “Dat is vervolgens ook gebeurd”, preciseerde Audenaert. “Volgens de voorgeschreven procedure is die informatie in een vertrouwelijk rapport door mijn adjunct Operaties overgemaakt aan de toenmalige Brusselse procureur-generaal André Van Oudenhove. Daar is verder niets mee gebeurd.”
Gefrustreerd omdat het parket geen aanstalten maakte om de zaak te onderzoeken, schakelde de operatie-’beschadiging van Peeters’ een versnelling hoger. Out of the blue werd een oud gerechtelijk onderzoek van onder het stof gehaald. Op basis van een klacht van een vroegere cliënt van Peeters, Marc Deltomme, daterend uit 2000, werd Peeters op bevel van de Brusselse onderzoeksrechter Jeroen Burm in januari 2004 aangehouden. Terwijl de advocaat een week in voorhechtenis zat, haalden speurders van de politiedienst van Audenaert ongestoord zijn kantoor en woning leeg en namen grote hoeveelheden dossiers, documenten en computers in beslag. Een inventaris van de inbeslaggenomen stukken werd niet opgemaakt.
Smoking gun
Peeters vermoedde toen al dat de zakenmannen die door zijn acties geviseerd werden hun relaties bij het gerecht en de politie hadden ingeschakeld om hem professioneel uit te schakelen. Uit de recente brief van Audenaert aan de minister van Justitie moet blijken dat de zogenaamde smoking gun tijdens die bewuste huiszoekingen gevonden zou zijn: een ontwerptekst van een vonnis, uitgesproken door De Tandt, maar opgesteld door Peeters.
Dit voorjaar kwam het offensief tegen Peeters in een stroomversnelling, en wel om zeer gegronde redenen. Op 11 maart vroeg de Leuvense procureur in zijn eindvordering de doorverwijzing van De Kelver naar de correctionele rechtbank wegens fraude en bedrog ten nadele van zijn ex-echtgenote, zo vernam De Werktitel. Het parket vorderde tevens de verbeurdverklaring van een deel van zijn bezittingen, met name: een Mercedes S320, een Mercedes V230, een Suzuki Vitara, een antieke Mercedes 450 SE, een Mercedes 500S met Franse nummerplaat, een Harley Davidson, diverse bankrekeningen bij KBC Belgium en KB Luxemburg met hun beschikbaar saldo, een appartement in het Zuid-Franse Golfe Juan en het luxejacht van de vermogende groentenboer, de Dolphin Dance. De Kelver heeft met andere woorden veel te verliezen als het tot een proces zou komen.
Lekken
Als tegenzet dienden de advocaten van De Kelver een verzoekschrift in met de vraag om bijkomende onderzoeksdaden te laten uitvoeren. Opnieuw werd het verhaal uit de kast gehaald dat er onregelmatigheden waren gebeurd als gevolg van corruptie bij de Brusselse rechtbank, meer bepaald rond het vonnis van De Tandt en het arrest van Blondeel dat aanleiding gaf tot de expertise waarmee het fraudecircuit van De Kelver werd blootgelegd. Parallel met dit verzoekschrift ontdekten de advocaten van De Kelver een kans om hun dossier te koppelen aan het ophefmakende en politiek gevoelige onderzoek naar de lekken in het Fortis-onderzoek.
Raadsheer Henri Heimans van het Gentse hof van beroep, die belast is met het onderzoek naar Fortisgate, kreeg op 11 juni het bezoek van advocaat Johan Scheers, zo kon De Werktitel achterhalen. Scheers is de raadsman van nv François, de firma van De Kelver, maar ook van Jan De Groof, de echtgenoot van de in verdenking gestelde Fortis-rechter Christine Schurmans.
“Om een beter zicht te krijgen op de manier waarop in Brussel handelszaken zoals de zaak-Fortis worden behandeld, heeft Heimans op 11 juni een vertrouwelijk gesprek met een advocaat”, schreef De Tijd op 19 augustus. “De aantijgingen tegen De Tandt komen ter sprake. Heimans krijgt te horen dat het Brusselse parket-generaal al vijf jaar weigert de affaire te onderzoeken. Hoewel het gesprek vertrouwelijk was, spelen de speurders in Gent het explosieve dossier door aan de collega’s in Brussel. Daarop besluit de Brusselse recherche, in ruggespraak met de top van de federale politie, het corruptiedossier te deblokkeren. Zo belandt het dossier op 9 juli op het bureau van de minister van Justitie. Wanneer de aantijgingen op 13 augustus andermaal uitlekken in De Tijd, barsten de fundamenten van de rechtsstaat.”
Mijn morele steun heeft dit project al. Hoe kan ik ook financieel bijdragen?


E-mail dit artikel
Facebook
Twitter
Share dit artikel




Mooi stukje journalistiek.
De vraag is natuurlijk : Is dit niet het topje van de ijsberg? En hoe corrupt is dit landje?
Het artikel roept meer vragen op dan het beantwoordt. Wat niet abnormaal en zeker geen verwijt is.
Zoals: is het een gewenst onderdeel van de tactiek van de vernoemde zakenlui die het warm onder de voeten kregen omwille van gerechtelijke onderzoeken naar hun zwarte fortuinen om handelsrechter Francine De Tandt te viseren en zo ja waarom ? Of is de beschadiging/val van De Tandt veeleer ‘collateral damage’, de (ongewilde) prijs die moest betaald worden om hun snode plan vorm te kunnen geven.
Want zoveel is ondertussen zeker (althans er zijn meer dan ernstige aanwijzingen over, door gerecht en pers naar boven gespit): er gebeurden op het niveau van de Brusselse handelsrechtbank, meer bepaald in tal van zaken waarbij rechter De Tandt betrokken was, hoogst merkwaardige dingen (lees: deontologisch veroordeelbare zaken (wellicht zelfs op strafrechtelijk vlak) zoals bizarre/juridisch rammelende vonnissen, onlogische/ongebruikelijke beslissingen en daden, verdachte collusies en onmiskenbare belangenconflicten.
Een aspect dat in het artikel niet aan bod komt, maar naar mijn informatie ook een rol speelt in de hele affaire en de dynamiek er van (de vraag is hoe groot die rol is) is dit: nogal wat gefortuneerde families, die pakken geld verloren in de Fortis-affaire, zouden van mening zijn dat het nu ‘pay back time’ is, dat De Tandt haar kop moet rollen. Rechter De Tandt sprak immers een vonnis uit dat onvoldoende gunstig was voor die aandeelhouders. Ze liet, tegen de wil van de zogenaamde ‘kleine’ aandeelhouders (maar dat is in dit geval een verkeerde voorstelling van zaken, eigenlijk betreft het vooral de niet-institutionele en minderheidsaandeelhouders) en hun vertegenwoordiger advocaat Modrikamen, de opsplitsing van de Fortis-holding toe. Dat leidde tot aanzienlijke ‘waardeverlies’.
Dat vonnis is te vinden op http://www.holding.fortis.com/press/info/CR_MK_18112008.pdf
P.S. Een vraag van een andere orde waar ik na de lectuur van het artikel eveneens mee zit is waarom dat interview met Glenn Audenaert uit april 2006 nooit werd gepubliceerd (in De Morgen, waar de auteur toen aan verbonden was).
Ik sluit me aan bij de PS van Marc Ernst. Daarnaast vind ik frasen als “zo vernam De Werktitel” zéér povertjes als bronvermelding in een stuk dat “loutere journalistiek” pretendeert te zijn. Het is journalistiek van een dergelijk insinuerend karakter die tot ongenuanceerd negatieve reacties over “dit corrupte landje” aanzet. Ik dacht dat De Werktitel juist bedoeld was om een tegengewicht aan dergelijke praktijk te bieden.
Sinds wanneer moet een journalist zijn bronnen vermelden?
Sinds hij een geloofwaardig en controleerbaar artikel wil schrijven.
jaja, Dieter en cave civitas, allemaal waar, maar dat doet er natuurlijk niet erg veel toe.
Wanneer rechtszekerheid in bovenstaande mate aangetast wordt is er een groot probleem. Groter dan bronnengeheimkwesties medunkt.
Ik sluit mij aan bij Sok. Het lijkt mij niet nodig om bij elke oprisping van De Werktitel u af te vragen waar die oprisping vandaan komt, wat de samenstelling is van het opgerispte en of daar een check-dubbelcheck op moet gebeuren. Natuurlijk is dat belangrijk, maar misschien weten die heren niet met welke journalisten ze hier te maken hebben. Niet dat er onfeilbare journalisten zijn, maar een George Timmerman in wat korte uitvallen proberen een hakje te zetten, dat neemt enkel maar lege ruimte in beslag.